Verdoemenis en duivel

Bijna 31 oktober, bijna 500 jaar Reformatie. Op 30 oktober, komende maandag, stoppen we met deze thematische reeks over protestants-christelijk taalgebruik in de Tweede Kamer naar aanleiding van dat jubileum.

De weglating van één medeklinker – zagen we in de vorige aflevering – maakt dus van een excuus een vloek (vergeef me > vergeme), er gebeurt inhoudelijk ook iets als het woord duivel non-standaard uitgesproken wordt als “duvel”. Duvel noemt Van Dale “informeel”, duivel is “het boze beginsel als persoon gedacht” maar daar ontbreekt zo’n negatief gebruikslabel.*) Een vergelijkbaar klinkeronderscheid-plus-betekenisverschil bestaat er blijkens Van Dale tussen verdoemenis en verdommenis. Onder het laatste trefwoord komen opmerkingen voor die het als “informeel” markeren, in ronder Nederlands: “onfatsoenlijk, plat”. Bij verdoemenis ontbreekt dat.

In de Heidelberger Catechismus vinden we uiteraard alleen de neutrale varianten duivel en verdoemenis, hoe negatief deze bron ook tegenover de inhoud van deze begrippen staat. Als voorbeelden twee van elke vormen. Christus zal “al Zijn en mijn vijanden in de eeuwige verdoemenis werpen” (vraag 52, Zondag 19), aan mensen “die zich niet van harte bekeren” wordt “verkondigd en betuigd (…) dat de toorn Gods en de eeuwige verdoemenis op hen ligt, zolang als zij zich niet bekeren” (Zondag 31, vraag 84). Voor een Christen is de opdracht dat deze “met een vrije en goede consciëntie in dit leven tegen de zonde en den duivel strijde” (Zondag 12, vraag 32) en “allerlei liegen en bedriegen, als eigen werken des duivels, vermijde”, aldus een deel van het antwoord op vraag 112 (Zondag 43).

In de Handelingen van de Tweede Kamer komt verdommenis de laatste jaren enkele malen voor rekening van de spreker voor zónder dat deze zich verschuilt door de aanhaling van een derde als bron:

  • Marjo van Dijken (PvdA) op 7 december 2004 bij bespreking van wijzigingen in de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen: “Als het doorschiet en de overheid niet in staat is om iemand, die niet goed voor zichzelf kan zorgen en naar de verdommenis gaat, te laten helpen door mensen die daarvoor geleerd hebben, zijn wij fout bezig.”
  • Jolande Sap (GroenLinks) tegenover Tony van Dijck, PVV: “Als hij hiermee doorgaat en hij willens en wetens niet wil zien waar dat toe leidt, dan helpt hij het land naar de verdommenis.” (Voorjaarsnota, onder andere over de ontwikkelingshulp: 30 juni 2009.)
  • Machiel de Graaf (PVV) op 17 januari 2013 in een debat over de Nederlandse luchtkwaliteit: “Dus je helpt ze juist de verdommenis in als je gelooft in het sprookje dat iedereen, zoals mevrouw Van Tongeren denkt, ziek wordt van die roetdeeltjes.

Veel normaler is in de kamerverslagen de neutrale vorm verdoemenis, bij uitstek in de combinatie hel en verdoemenis waarmee een zwart scenario geschilderd wordt. Ik zou verrast zijn als dat vanuit protestantse hoek ook gezegd zou worden.

Veel acceptabeler blijkt in de taal van de Tweede Kamer de negatieve variant duvel, vooral optredend in idiomatische uitdrukkingen: alsof de duvel ermee speelt, de duvel en z’n ouwe moer, voor de duvel niet bang, er als de duvel bij zijn, een enorm pak op je duvel, als een duvel uit een doosje, onderwerpen die mij geen duvel aan gingen, om de duvel niet!, over de duvel spreken. Dat is inderdaad acceptabel Nederlands aan het Binnenhof maar: niet voor CU of SGP en voor CDA’ers vermoedelijk alleen als zij een Zuidelijke herkomst hebben. (Dat geldt bijvoorbeeld voor de econoom Henk de Haan.)

HUIB EVERSDIJK (website CDA-Zeeland)

Des te bijzonderder is het daarom dat de Zeeuwse CDA’er Huib Eversdijk concludeert over het rapport dat de Algemene Rekenkamer over het Oosterschelde-project publiceerde: “Ten slotte, mijnheer de Voorzitter, ik blijf blij met het zeer openhartige rapport van de Algemene Rekenkamer indachtig het oude Zeeuwse gezegde: ‘Je mö géén duvel smoren op j’n ‘arte’, hetgeen betekent ‘draai er maar niet omheen, kom er maar recht voor uit’.” (30 augustus 1984) Maak van je hart geen moordkuil.

*) Wel is duivel in combinatie met bepaalde woorden als “vloekwoord” gemarkeerd.

 

About Siemon

Siemon Reker (1950, Uithuizen) was hoogleraar Groninger taal en cultuur aan de Rijksuniversiteit Groningen tot aan zijn emeritaat in 2016. Eerder was hij onder meer streektaalfunctionaris van de Provincie Groningen.
Publicaties bijvoorbeeld via http://bit.ly/2hyBtUy of (verder teruggaand) http://bit.ly/2htQceB

This entry was posted in PARLEVINKEN, prot-chr. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *