Houderij: hollend naar Holland

Hier treffen elkaar werelden, in het Verantwoordingsdebat over 2016 in de Tweede Kamer van 31 mei 2017. De woordvoerder van de SGP, Elbert Dijkgraaf, interrumpeert Lammert van Raan van de Partij voor de Dieren. In de wereld van de Schepping naar de voorstelling in de ouverture van het Oude Testament – het milieu van de Staatkundig Gereformeerde Partij – worden bij wijze van voltooiïng eerst de vogels en de vissen gecreëerd, daarna de landdieren en ten slotte de mens. Toch is de gedachtenwisseling tussen de twee volksvertegenwoordigers veel minder harmonieus dan op basis van Genesis 1 gedacht zou kunnen worden.

Uit de Handelingen der Volksvertegenwoordigers:

“Dijkgraaf: (…) ik wil de inhoud van de bijdrage van de heer Van Raan toch serieus nemen en hem de volgende vraag stellen. Als je ergens in Europa een varkensschuur openzet, zullen alle varkens naar Nederland hollen. Is dat volgens hem niet waar?

Van Raan: Dat is niet waar. Die varkens zullen niet naar Holland hollen, nee.

Dijkgraaf: Misschien is mijn vraagstelling niet duidelijk geweest. De Nederlandse houderij van varkens, kippen, koeien, en alle sectoren van de Nederlandse landbouw behoren gewoon tot de top van de wereld als het gaat om natuur en milieu, maar ook als het gaat om dierenwelzijn. Is dat volgens de heer Van Raan niet zo?

Van Raan: Ik dank de heer Dijkgraaf voor zijn vraag. Nee, dat is niet waar. Bovendien is het eigenlijk een valse tegenstelling. Het gaat er niet om hoe goed het gaat, maar het gaat erom dat we het terugbrengen. De ecologische voetafdruk van deze giga-industrie is zodanig dat dit niet vol te houden is.” Tot zover deze lezing uit de Handelingen.

 

DIJKGRAAF (website TK)

VAN RAAN (website TK)

Mensen kunnen met hun voeten stemmen – het was in 2015 het grootste politieke probleem en het echo van wat ter rechterzijde als een stroom of tsunami werd voorgesteld klonk een poosje door – en naar dat voorbeeld laat Dijkgraaf varkens theoretisch met hun poten kiezen. Ze komen naar Nederland, denkt hij, immers “alle sectoren van de Nederlandse landbouw behoren gewoon tot de top van de wereld als het gaat om natuur en milieu, maar ook als het gaat om dierenwelzijn”. Zo werd er bij de SGP in 2017 gedacht en zonder twijfel ook in het CDA en de ChristenUnie. Misschien denkt Landbouwminister Carola Schouten (CU) na een reeksje affaires genuanceerder over de sector – stiekem misschien wel meer in de lijn van de PvdD die bij monde van Van Raan sprak van een “ecologische voetafdruk van deze giga-industrie”. Dat klinkt naar Nederlands waar een Engelse footprint in te horen is. Het is de 8ste betekenis uit de Oxford English Dictionary: “The impact of human activity on the environment, esp. with regard to pollution, loss of biodiversity, or consumption of natural resources; an instance of this; the magnitude of this.”

Niet helemaal nieuw in dat debatje is het gebruik van het woord houderij. Dat vindt de precieze gebruiker van Van Dale nog niet in dat woordenboek (het kan tegenwoordig elke dag veranderen), maar wel de vorm –houderij. Het streepje geeft aan dat het trefwoord alléen wordt waargenomen als het vastgehecht is aan een ander woord. Dit is wat het woordenboek ongeveer over het gebruik zegt:

  1. abstract in samenstellende afleidingen die betekenen: het houden en fokken van het in het eerste lid genoemde: bijenhouderij, eendenhouderij (…)
  2. concreet in samenstellende afleidingen die betekenen: bedrijf waar het in het eerste lid genoemde wordt gehouden en gefokt: schapenhouderij, veehouderij.

In de Tweede Kamer kwamen enkele malen moties voor waarin er sprake was van veetransport en -houderij. Omdat dergelijke kameruitspraken worden voorgelezen, is het denkbaar dat via motietaal de stap bevorderd is van –houderij naar houderij en dat langs die weg een zelfstandig woord is geworden wat voordien alleen een afhankelijk bestaan kende als rechter deel van de samenstellende afleiding die Van Dale tweemaal noemde.

“Woordwording van affixen” noemde de Nijmeegse taalkundige L.C. Michels dat een halve eeuw geleden, een deel van een woord begint voor zichzelf. Misschien is zijn omschrijving wél van toepassing voor tig dat ontstaan kan zijn uit –tig en dus uit twintig, dertig, veertig of voor schap (zoals in Landbouwschap, Productschap) en net niet voor zoiets als dat stukje –houderij, het is desondanks een vergelijkbaar procédé. Van een samenstellende naar een gewone afleiding.

Prof. Michels (r) wenst Anton van Duinkerken geluk (KDC)

 

About Siemon

Siemon Reker (1950, Uithuizen) was hoogleraar Groninger taal en cultuur aan de Rijksuniversiteit Groningen tot aan zijn emeritaat in 2016. Eerder was hij onder meer streektaalfunctionaris van de Provincie Groningen en actief in de journalistiek (Nieuwsblad van het Noorden, Radio Noord). Publicaties staan onder het kopje C.V.
This entry was posted in PARLEVINKEN, Rijp voor opname (Van Dale). Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.