De taal van kinderen kan een bron van plezier zijn voor de ouders en anderen in de nabije omgeving. In deze aflevering wilde ik een tweede voorbeeld geven, na die van de vorige keer toen het betrekking had op de ongewone verbinding van plaatsnaam + zelfstandig naamwoord in het Nederlands.
“Is dit de Osloboot?” vroeg het kind (10) op de kade ergens in Denemarken – kennelijk was het erover gegaan dat hiervandaan boten naar Noorwegen vertrokken.
Geografie en taal is sowieso een moeilijke kwestie door alle onvoorspelbaarheid die een taal als het Nederlands op dat punt biedt.
Aflevering 2 uit dit blogzijpad bestaat uit dit soort gevallen:
trekpapier
sleeboot
twee-splitsing
In volwassenentaal zou je hier spreken van volksetymologie: een onbegrepen begrip is door een spreker begrijpelijk gemaakt door een aanpassing van vorm of betekenis. Is hangmat niet op deze manier aan zijn vorm gekomen? En hebben we in dit blog niet allerlei politici ommekomst zien gebruiken in een betekenis die aanvankelijk helemaal niet zo luidde maar later op basis van de uiterlijke vorm is aangepast? (zie bijvoorbeeld) Hier is wat volksetymologie heette werkelijk volksvertegenwoordigersetymologie geworden.
Kinderen van een jaar of 5 die “trekpapier” zeggen en het over crêpepapier hebben, die zeggen iets heel begrijpelijks: dit soort papier laat zich immers vrij makkelijk rekken en trekken. Crêpe- en trek- liggen bovendien qua uitspraak dicht bijeen.
Ook een sleepboot opgevat als slee-boot heeft een eigen logica; althans mij lijkt het bepaald niet gek, de ene boot glijdt achter de andere aan. Overtuigender is het allicht bij de T-splitsing die is misverstaan en daarna gehandhaafd als twee-splitsing. Ook T en twee liggen in elkaars buurt voor het luisterende oor.
Bij kindertaal zou je naar mijn mening niet moeten spreken van volks– maar van kinder–etymologie: een begrijpelijke verbastering van een vorm of een betekenis op basis van het nog lang niet volmaakte taalbesef van een kind.
In de Biografie van het Gronings (Assen, 2016) heb ik onder nummer 0847 een stukje geschreven over kinderetymologieën in het Gronings naar aanleiding van een Groningstalig blad dat daarnaar op zoek was: “volksetymologische woorden uit de kindermond [zijn] misschien een geschikte tussenvorm tussen de beoogde mopjes die zij kinderproat noemden en talige notities. Botterdaip ‘Boterdiep’ gerealiseerd als Wotterdaip is daarvan een passende illustratie. De gedachte aan ‘water’ is bij een kanaal met water meer voor de hand liggend dan ‘boter’ en in dat opzicht is dit mis-verstaan dus bepaald begrijpelijk. Het wordt in de hand gewerkt door de omstandigheid dat de klanken b en w een hoge mate van verwantschap hebben en dus als het ware naast elkaar liggen. Tegelijkertijd is op te merken dat de twee verschillende korte o-klanken kennelijk onvoldoende van elkaar onderscheiden zijn: bòtter staat in dit opzicht tegenover wótter.
Een identieke en zinvolle verwisseling van w en b is te vinden in het geval van de vervanging van waalneut ‘walnoot’ door baalneut ‘balnoot’. De ronde vorm maakt deze ver-horing tot een begrijpelijke.”
VRAAG aan toevallige lezers van dit blog: zou het mogelijk zijn om hier eenvoudig een oproep te plaatsen en andere taalnoterende ouders of verzorgers op te roepen om anderen via dit blog méé te laten genieten van aanvullingen op het punt van kinder-etymologieën? Zou dat een beetje kunnen werken met inzendingen als resultaat?
Graag met uitleg inclusief een indicatie van de leeftijd van de spreker. De naam (of desgewenst afkorting) van de inzender wordt vermeld, het mail-adres niet.
Toen ik een jaar of 6 was dacht ik dat “schuurpapier” het teerpapier was dat op het dak van de schuur lag. (Ook “schuinieren”, want daarop stond de deur schuin!)