De lokalisering van het geweten. Naar aanleiding van het overlijden van Jan Terlouw (i).

Kees Tamboer (1939-2025) overleed op 16 maart van dit jaar en dat heeft waarschijnlijk maar in beperkte mate het nieuws gehaald. Desondanks, hij was lange jaren zeer actief als journalist. Veel solo maar niet zelden in samenwerking met anderen zoals John Jansen van Galen, Arend Jan Heerma van Voss, Bert Vuijsje en in latere jaren met vooral Frans Nypels. Wie nu op het spoor probeert te komen van zijn stukken, moet onder de indruk raken van misschien allereerst de hoeveelheid bijdragen die er van zijn hand verschenen in vooral linkse bladen (Het Vrije Volk, Het Parool). Bekendheid verwierf hij publiekelijk mogelijk nog het meest door zijn Haagse verslaggeving in de Haagse Post, bijvoorbeeld als een insider op kabinetsniveau ten tijde van Den Uyl. Bij HP kreeg hij als voorzitter van de redactiecommissie een conflict met de bazen:

De Haagse politiek en economie (en de vakbeweging) waren zijn voornaamste onderwerpen. Het politieke interview vormde een belangrijk element in het werk van Tamboer, zoals met Anneke Goudsmit, Willem Aantjes, Barend Biesheuvel, Max van der Stoel. Veel PvdA kwam er in zijn teksten voor maar naar verhouding misschien nog meer D’66. Uit zijn pen bleek overigens attentie over de hele breedte van strips tot aan het buitenland zoals het VK, de DDR en de behandeling van Zuid-Afrikaanse gevangenen op Robbeneiland. Regionaal Nederland bestond voor deze Amsterdammer tegelijkertijd: hij schreef over internaten in het katholieke Zuiden van het land en ging geregeld voor allerlei reportages en interviews naar het Noorden. Een fan was hij bijvoorbeeld van de Friese journalist Laurens ten Cate (1922-1984). Met hem had hij een afspraak gemaakt voor een interview waarop hij zich tot in de puntjes voorbereidde – alleen kreeg Ten Cate vlak daarvoor in 1972 een ernstig auto-ongeluk als gevolg waarvan de ontmoeting geruime tijd uitgesteld werd.

Kees Tamboer noteerde (nog in 2010, dan in Het Parool van 17 maart) over de leiderschaps-wisseling binnen de PvdA van Wouter Bos naar Job Cohen: “Cohen is als joker ingezet tegen Geert Wilders en hij zal, meer dan wie ook, in staat zijn de PVV-leider van repliek te dienen. Maar de debatten zullen echt niet alleen gaan over Marokkaans tuig en de fascistische islam, Wilders’ populariteit is nog méér te danken aan zijn SP-achtige program op sociaal-economisch gebied: hard nee roepen tegen elk voorstel dat Jan Modaal in zijn bestaanszekerheid raakt. Het geweten van het volk huist in de rechter achterzak van de huisvaders, waarschuwde Laurens ten Cate, de legendarische hoofdredacteur van de Friese Koerier.”

Die uitdrukking met lokalisering van het geweten in de rechter achterzak dook nog maar enkele jaren geleden opnieuw op in het Friesch Dagblad van 10 augustus 2021. Er werd teruggeblikt op een kwestie van een halve eeuw eerder toen Nederlanders in het verlengde van de zelfstandigwording van Suriname in groten getale naar het moederland emigreerden en hier opgevangen moesten worden. Dat zou ook in Berlikum gebeuren in een voormalig schoolgebouw.
“’Bij geruchte hoort men, dat deze Surinamers wel eens vrolijk zijn en op zeer luidruchtige wijze hun feesten vieren soms tot diep in de nacht’, schreef Berltsumer K. Looyenga in een ingezonden stuk in de Leeuwarder Courant (2 juli 1975). ”s Lands wijs, ’s lands eer, akkoord, maar vindt men dit aangenaam voor de bewoners van de belendende huizen?’ (….) Nee, vond secretaris Dijkstra van Berlikumer Belangen. ‘Stel dat het je buren worden. Het zijn praktisch analfabeten en die moeten wij hier opvangen. De huizen in de omgeving worden ook meteen de helft minder waard.’
‘Zijn geweten zit in de rechter achterzak‘, schreef een inwoner van St.-Annaparochie kort daarna in de krant over de woorden van Dijkstra. ‘Zijn mening rinkelt mee met de kassa. Daar en daar alleen liggen kennelijk de Berlikumer Belangen. (…) Zulke woorden kunnen alleen met een slechte adem gezegd worden. Dat is met geen tandpasta te verhelen’, aldus de briefschrijver, die de komst van de Surinamers een logisch gevolg noemt van eeuwenlang Nederlands koloniaal bestuur in Suriname.”

Is dat geweten in de rechter achterzak soms een Friese uitdrukking?

In de volgende aflevering keren we nog even terug naar Kees Tamboer en Laurens ten Cate, 1973. Dan gaat het overigens in het bijzonder over Jan Terlouw. [Dat gebeurt morgen, deze week volgens een ongebruikelijk ritme in deze rubriek.]

Over Siemon

Siemon Reker (1950, Uithuizen) was hoogleraar Groninger taal en cultuur aan de Rijksuniversiteit Groningen tot aan zijn emeritaat in 2016. Eerder was hij onder meer streektaalfunctionaris van de Provincie Groningen en actief in de journalistiek (Nieuwsblad van het Noorden, Radio Noord). Publicaties staan onder het kopje C.V.
Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.