Woorden in de Kamer (2020-2023) (13)

Een huis-tuin-en-keukenmotie, een PVV-principe en het Kabinet-Kaag I

Ook zeer gangbare en neutrale of misschien zelfs saaie begrippen in de politiek-bestuurlijke sfeer zoals motie of kabinet kunnen voorzien worden van een komische inhoud. Toen het lid Omtzigt (Omtzigt) vroeg in 2022 en al in de eerste termijn een motie in wilde dienen, voorzag voorzitter Bosma deze van het predicaat huis-tuin-en-keukenmotie. Hij gaf daarmee in elk geval ook aan dat het een normale tekst was waarmee de Kamer gevraagd werd zich over iets (het coronatoegangsbewijs) uit te spreken. Regels zijn regels, er moest een speciaal voorstel van gemaakt worden om te bezien of indiening in deze eerste termijn voor de meerderheid acceptabel was.
Dezelfde spreker (Martin Bosma) maar dan als PVV-woordvoerder betitelde een motie van een D66-collega als friemelmotie. Met woorden kunnen dingen en mensen weggezet worden.
Premier Rutte beheerst dit aspect van het vak ook, zelfs in de richting van zijn trouwste oppositie-partners van de SGP. Een uitspraak van Roelof Bisschop vond Rutte op het moment van indiening feitelijk niet aan de orde, getuige zijn reactie waaruit andermaal kennis van het Engels sprak: “Op zich zijn er inhoudelijk geen grote bezwaren, maar het wordt anders een beetje “motherhood and apple pie”, dus een moeder-en-appeltaart-motie.”

Wegzetten kan in de Kamer waarschijnlijk nog veel beter door aan het begrip kabinet een naam te verbinden van iemand die politiek actief is maar momenteel juist níet de rol heeft van minister-president. Als de genoemde persoon wel deel uitmaakt van het kabinet, komt dat over als een tik naar de zittende premier. Zo betitelde oppositieleider Geert Wilders (PVV) het kabinet-Rutte IV enkele malen als Kaag-I. Impressie: Rutte voert uit wat D66 bij de formatie heeft binnengehaald.

Caroline van der Plas (BBB) moet een oplettende luisteraar zijn als collega Wilders het woord voert: nu en dan grijpt zij naar wat talig opvallend is en wat het PVV-lid eerder te berde heeft gebracht. (Vergelijk het gebruik van klimaatpaus als aanduiding voor Frans Timmermans.) Ook Van der Plas sprak van het kabinet-Kaag I (“eindelijk toonde deze minister een keer ballen, door zich te ontworstelen aan het juk van het kabinet-Kaag I”). Taal is een gebruiksvoorwerp, zeker in de debatten van de Tweede Kamer. Geregeld hard en soms komisch tegelijkertijd. Met iets nieuws op de proppen komen is daarbij geen verplichting, imitatie is toegestaan.

Toen er – niet eens zo lang geleden, op 7 april 2021 – een nieuwe Kamervoorzitter gekozen moest worden, bepleitte de woordvoerder van de PVV, Gidi Markuszower, robuust georganiseerde tegenmacht: “Onze Kamer heeft een Voorzitter nodig die aan de kant van de volksvertegenwoordiging staat en niet op schoot zit bij de macht. Daarom is onze fractie ten principale van mening dat de Voorzitter bij grote voorkeur afkomstig is uit een oppositiepartij.” Het was niet de enige keer dat de beeldspraak van op schoot zitten bij in de vergaderzaal klonk. Eenmaal reageerde minister Kaag onaangenaam getroffen, toen Farid Azarkan (DENK) haar op schoot van minister-president Rutte positioneerde (en dat later diverse keren herhaalde). Wat zou de BBB-leidster zeggen als die beeldspraak straks op haar en de fractievoorzitter van de PVV werd overgebracht? Of mevrouw Yeşilgöz van de VVD?

Andere vraag. Hoe stond premier Rutte vóór de vorige Kamerverkiezingen tegenover wat toen nog het Lid Omtzigt heette en wat later pas de fractievoorzitter van NSC werd? Waarschuwde hij toen vroegtijdig voor een succesvolle terugkeer van Pieter Omtzigt als leider van een grote groep, gevolgd door een minister-presidentschap van vele kabinetten? Rutte in financieel verband: “Wij denken dat die terugbetalingstermijn eerder moet beginnen en dat die ook niet kan doorlopen tot het kabinet-Omtzigt XII.” Klonk hier stiekempjes en toch duidelijk hoorbaar een Paus-naam in door in de richting van een RK-politicus, alsof het ging om Benedictus, Clemens Gregorius, Innocentius of Johannes XII? Waarom liefst twaalf kabinetten-Omtzigt aangekondigd? Was Rutte zó bang voor deze concurrent?
Rutte waarschuwde bij het indienen van een formatie-motie ook stilletjes voor een kabinet waar wél de PVV maar níet zijn eigen VVD deel van zou uitmaken: “Ik kan de heer Wilders geruststellen: het kan nog steeds eindigen in een kabinet-Wilders I, want er staat niet in de motie dat er een kabinet-Rutte IV komt. Het kan er nog steeds in eindigen dat ik de heer Wilders uit zijn stoel stoot als leider van de oppositie. Dat kan nog steeds. Er staat niets in de motie over wie de nieuwe premier wordt.”

Wie de nieuwe premier wordt. Dat was een vraag van Mark Rutte (VVD) op woensdag 12 mei 2021. Nu er vandaag in de Tweede Kamer een formateur gekozen wordt, is Wie de nieuwe premier wordt op 22 mei 2024 opnieuw de kwestie die wellicht morgen al beslecht wordt. Wie weet.

We gaan een poosje zomersluiten.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

De wens en de moeder van de gedachte: Caroline

De entree op het BBBinnenhof

Twee vertegenwoordigers van de BBB zaten als harmonisch openingsduo aan de Buitenhof-tafel op Eerste Pinksterdag. Het hoofd van de partij, Caroline van der Plas (kleurig gekleed) en de man die zij bij afleiding een keertje als de nek betitelde, Henk Vermeer in effen beige. In een andere beeldspraak wellicht achtereenvolgens de mond en de hersenen van de BBB? Wie zal het zeggen.

Natuurlijk ging het veel over Europa, in Brussel is er immers veel meer binnen te halen dan vier kabinetten-Rutte hadden gepresteerd. Er meer metaforisch met de vuist op tafel slaan, was het BBB-motto. Het positieve van Nederland duidelijker maken, zei Caroline. Ik begreep: met trekkers erheen vol Hoop, lef en trots. Henk lichtte toe: we moeten een stevige onderhandelaar zijn, dingen daar in Europa willen halen en er niet “vingerwapperen” naar anderen. Hoorden we hier een tikkeltje een opening naar een Nederlandse Orban-benadering? Bbblokkeren zal ze leren. Hongarije onderhandelt stevig en doet vast niet aan vingerwapperen.

Pieter Jan Hagens vroeg of dat niet een beetje wensdenken was, zó zaken in Brussel denken binnen te halen. Dat raakte Caroline, die in de Tweede Kamer in 2023 nog tegen Laura Bromet had gezegd: “Ik zie wel vaker dat GroenLinks doet aan een soort wensdenken. In hun hoofd en in het sprookjesboek staat dat het allemaal kan, maar het kan niet.” Henk Vermeer zei in zijn nog wat kortere Kamerloopbaan een keer: “Dat is absoluut wensdenken, dat gaat niet gebeuren.” Als het politieke tegenstanders betreft gebruiken de BBB’ers wensdenken als aanduiding voor iets wat irreëel is en sprookjes – zoals gangbaar in het Nederlands of in het Latijn pia vota, in het Engels wishful thinking, in het Duits wunschdenken. In de woorden van Van Dale: ‘gedachtegang die meer berust op wat je wenst (dat zal gebeuren) dan op de feiten’.

Maar in het kader van de Brusselse onderhandelingstoer heeft wensdenken op deze Christelijke feestdag niks te maken met ijdele hoop. Zoals Caroline het uitdrukte: “Wat is er mis met wensdenken zolang je weet dat die wens gaat lukken?” Denken in wensen brengt de wereld vooruit! Kan zó aan de keukenmuur.

Caroline van der Plas (BBB) in Buitenhof 19.05.2024
Wat is er mis met wensdenken zolang je weet dat die wens gaat lukken?

Caroline karakteriseerde zichzelf in het interview zo ongeveer als de moeder van de formatietafel. Ik kreeg de indruk dat we bij deze nieuwe benadering van het begrip wensdenken een beetje de moeder van deze gedachte hoorden.

P.S. Mevrouw Van der Plas gebruikt taal die kennelijk opvallend is. Uit de malen dat ze in dit blog aandacht kreeg noem ik slechts die uitdrukking met hakken en poten in het zand, de symboliek van het dragen van kleding en het bezigen van het bijwoordje gewoon.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Greep krijgen op het Hoofdlijnenakkoord

Het Hoofdlijnenakkoord van de formerende partijen PVV, VVD, NSC en BBB is daar en het zet helder in: “Nederland is een prachtig land. Een land om trots op te zijn” is de openingszin van Hoop, lef en trots.
Het oogt inderdaad helder, vanzelfsprekend geschreven in het Nederlands. Hoe vaak wordt de term “Nederlandse taal” of “taal” gebruikt? Tweemaal:

  • Studiemigratie wordt selectiever door meer opleidingen in het Nederlands (…)
  • Bij langdurig verblijf krijgen werkgevers ook een verantwoordelijkheid voor het leren van de Nederlandse taal door deze werknemers.

Nederlands en migratie staan in het Hoofdlijnenakkoord in nauwe betrekking met elkaar.

Een klein taalverschil dat er waarschijnlijk niet toe deed, hoorden we op 15 mei nog voor de publicatie uit de mond van de vertegenwoordiger van de grootste en de kleinste fractie. Geert Wilders (PVV) had het over het onderhandelaarsakkoord, Caroline van der Plas (BBB) sprak van onderhandelingsakkoord.
Beide is het resultaat van onderhandelen, alleen bij Wilders klonk een politiek ervaren en wat formeel voorbehoudje door: de fractie moet nog instemmen, het is een akkoord tussen degenen die onderhandeld hebben.

Opmerkelijk is het herhaalde gebruik van het Engelse woordje grip in Hoop, lef en trots. Op de website van Onze Taal komt die vraag aan de orde (sinds wanneer,- het dateert in elk geval van vóór het verschijnen van het Hoofdlijnenakkoord) en er wordt in dit taalloket gewezen op “een klein verschil in gebruik: grip op iets krijgen betekent iets meer ‘doorkrijgen hoe iets in elkaar zit’. Greep op iets krijgen heeft iets sterker de betekenis ‘iets onder controle krijgen’.”

Grip heeft dus te maken met ‘be-grip’, greep met ‘controle’. In het Hoofdlijnenakkoord komt greep niet voor, grip op deze vier plaatsen:

  • Het strengste toelatingsregime voor asiel en het omvangrijkste pakket voor grip op migratie ooit.
  • Grip op asiel en migratie
  • Beperking van de omvang van en grip op alle soorten migratie naar Nederland, zo snel als mogelijk, (…)
  • Er worden concrete stappen gezet naar het strengste toelatingsregime voor asiel en het omvangrijkste pakket voor grip op migratie ooit.
  • Het is hard nodig grip te krijgen op arbeidsmigratie.

Het is duidelijk dat in het Hoofdlijnenakkoord een ander gebruik van grip gehanteerd wordt dan door het genootschap Onze Taal tot nu toe beschreven is, lees voor grip telkens greep. Verhullend zou ik zeggen.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Woorden in de Kamer (2020-2023) (12)

Klimaatgekte, stikstofgeneuzel en coronadictatuur

In enkele bijdragen kwamen al samenstellingen aan de orde die begonnen met klimaat: klimaatgekte, klimaatpaus, klimaatpredikers. Het tweede deel van deze composities maakt de negatieve connotatie duidelijk die er rond klimaat heerst in de kring van degenen die deze begrippen bezigen en dat is grotendeels beperkt tot het duidelijk rechterdeel van de Tweede Kamer. Vergelijkbaar is de gebruikssituatie met het aan klimaat inhoudelijk verwante woord duurzaamheid: duurzaamheidsdrammers, duurzaamheidsgekte, duurzaamheidsgeneuzel, duurzaamheidswaanzin.

Als sterke verwerping uitdrukkend rechterlid dient -geneuzel (stikstof-, gender-, diversiteits- en duurzaamheidsgeneuzel), –dictatuur (test-, corona-, stikstof-, klimaat-, gezondheids- en omdat dit alles inhoudelijk gesteund en bepleit is vanuit de hoek van de wetenschap werd het inmiddeels gedateerde anti-begrip doctorandussendictatuur gemaakt en gebruikt) of het tweede lid –waanzin (in relatie tot corona, stikstof, asiel, gender, duurzaamheid, het coronavirus, klimaat). Afstand wordt ook gecreëerd door het tweede lid –socialisme, getuige nepsocialisme en nepsocialisten, duurzaamheidssocialisme, klimaatsocialisme. Socialisme lijkt voor een deel van de Kamer een scheldwoord, net als links.

Wat telkens opvalt in bijdragen van Kamerleden – het springt het meest in het oog bij de PVV want het gebeurt daar het vaakst – is het zeer negatief benaderen van een aantal problemen door het gebruik van een deel van een samenstelling waar géén misverstand bij mogelijk is omdat het is gekozen uit de luidruchtige termen in het woordenboek. Argumentatie is een andere kwestie, maar aan helderheid is gewonnen. Juist door de herhaling van die composita verliezen woorden als duurzaamheid of klimaat hun positieve of neutrale kleur.

Bij de kwestie van asiel draait het bij de PVV om een van de allerbelangrijkste issues van deze partij. Daar gebeurt hetzelfde, bijvoorbeeld door een zeer sterk woord als –tsunami in een samenstelling met asiel te gebruiken, meer dan eens voorafgegaan door een bijvoeglijk naamwoord van duur:

• Ook de gevolgen van de asieltsunami zijn we nog niet te boven. (Danai van Weerdenburg, PVV)

• De voortdurende asieltsunami is niet alleen onbetaalbaar, maar (….) (Geert Wilders, PVV)

• daarom wil BVNL deze asieltsunami nu stoppen in het belang van Nederland. (Wybren van Haga, groep Van Haga)

• om Nederlanders weer op één te zetten, om die onbetaalbare asieltsunami te stoppen, (….) (Geert Wilders, PVV)

• waar de bevolking aldaar wordt geteisterd door de continue asieltsunami. (Gidi Markuszower, PVV)

Naast de tsunami vallen in deze jaren frequent gebruikte begrippen als asiel(in)stroom op (rond 200x in 2020-2023). Asielcriminaliteit, asielellende (voor het goede begrip: veroorzaakt tegenover Nederlanders) en asieltuig kennen door hun gebruik bijna automatisch een negatieve betekenis toe aan het eerste lid –asiel.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Woorden in de Kamer (2020-2023) (11)

Godgeklaagde ombuigingsbijbel en de links-liberale kerk

Het is Hemelvaartsdag. Dat Nederland een christelijke natie is, is in de beraadslagingen van de Tweede Kamer merkbaar aan de taal die er gesproken wordt. Dat geldt trouwens ook voor Nederlands dat door een deel van de leden als het ware verzwégen wordt. (Vergelijk de bijdrage waarin het ging over enkele tussenwerpsels in de Tweede Kamer.) Mensen die laten we zeggen in de sfeer van SGP of het strengere deel van bijvoorbeeld het CDA of ChristenUnie zijn opgegroeid, die weten hoezeer het woord ertoe doet. Vooral taal die niet behoorde te klinken speelde daarin een voorname rol, naast natuurlijk oudere, Bijbelse taal (de variant waaraan het begrip Kanaän wordt gehecht). Hoe zou er in de fracties van CDA, SGP en CU gekeken worden, wanneer een ander Kamerlid een term als godgeklaagd gebruikt? Jesse Klaver richtte zich misschien niet zonder reden tot een van de genoemde partijen toen hij zei: “Bouwprojecten kunnen niet doorgaan. Wegen kunnen niet worden aangelegd. Ik zie CDA-gedupeerden erover klagen dat het toch godgeklaagd is dat deze projecten niet doorgaan. Wat wil het CDA?” Zoú er uit christelijke hoek op Klavers Nederlands gereageerd zijn? Zou er al die andere keren minstens gefronst zijn als het woord viel, maar dan telkens uit de mond van een PVV’er?

Niet-confessionele fracties hebben met het gebruik van god- als eerste lid van een samenstelling geen enkel probleem, getuige de Handelingen. Maar dan vraagt Dion Graus (PVV) aan CDA-woordvoerder Jaco Geurts: “Als u zegt “ik ben de alleswetende, ik ben de godalmachtige; bekijk het maar”, dan is dat niet waar, want ik heb tot nu toe altijd gelijk gehad en u heeft altijd ongelijk gekregen.” Vervolgens zegt de aangesprokene – afkomstig van de Veluwe – betekenisvol: “Ja, wat moet je daar nou nog op antwoorden?”

Naar begrippen uit de christelijke sfeer wordt vaker in het Nederlands en zeker ook in dat van parlementaire vergaderingen gegrepen. Is daar confessioneel over gemopperd? In het voetspoor van Pim Fortuijn werd het bekendste voorbeeld het begrip kerk, depreciërend en dus vreemd benut in bijvoorbeeld de linkse kerk. Daarover ging het hier eerder. Is daar bij een van Bosma’s voorzitter-voorgangers wel eens bezwaar tegen aangetekend? Bosma zelf volgde als spreker het christelijke pad door het te hebben over “Denk aan klimaatsocialisme. Denk aan eurofilie. Denk aan massa-immigratie. Dat is de heilige drie-eenheid van de links-liberale kerk.” Heilig, drie-eenheid, kerk. Bosma zegt ook graag bij een overleden peresoon: “God hebbe zijn ziel.”

Veel minder succesvol zijn samenstellingen op –profeet en –paus maar ze komen voor. In de jaren 20-23 van deze eeuw kwamen ondergangsprofeet en oorlogsprofeet langs, veel frequenter viel de term klimaatpaus. Alexander Kops (PVV) was de eerste gebruiker; een keer of 10 plakte hij dit etiket op toen nog de door Nederland aangewezen Eurocommissaris Frans Timmermans. Kops kreeg in dubbel opzicht navolgers in anderen van wie sommigen (Caroline van der Plas, BBB) eveneens Ed Nijpels (VVD) zó betitelden. Is het toeval dat Timmermans en Nijpels uit het Zuiden afkomstig zijn? Kops sprak ook over (de grootheidswaan van de) klimaatpredikers. Haatprediker is een breed gangbare aanduiding in de plenaire vergaderingen. Farid Azarkan (DENK) noemde iemand van de RIVM coronapaus. Ja, imams komen in de Kamer ook negatief weggezet voor. Wilders sprak eenmaal van een PvdA-imam en in VVD-kring is de aanduiding haatimam geliefd.

Apart in dit geheel is minister De Jonge (zoon van een predikant) die onder verwijzing naar coronapersconferenties van de eerste minister zei: “Zie je bijvoorbeeld na een van de preken van dominee Rutte op dinsdagavond meteen weer beweging in het land?” Ds. Rutte en preken.

Fleur Agema (PVV) sprak driemaal van de ombuigingsbijbel van het ministerie van Financiën. Bijbel. Dat was evident negatief bedoeld, in schril contrast met begrippen als Bijbelboek, Bijbelschool, bijbelvast, familiebijbel, begrippen die klonken uit de monden van bijvoorbeeld SGP’ers die verder zo dicht bij de PVV hun zitplaats hebben in de Tweede Kamer.

Bijzonder, dat zóveel kerkelijke terminologie in zo’n vanuit de historie christelijk land als Nederland in de politiek na Fortuijn een zó negatief geladen betekenis kan krijgen. Is hel ook een christelijk begrip? De samenstelling klimaathel kwam in 20-23 als verreweg vaakst gebruikt woord op –hel voor. Bijzonder: het was deze keer primair en herhaald zeer sterk idioom van de linker zijde (Joris Thijssen, PvdA) en wel als waarschuwing, als een bestemming waar de planeet naartoe op weg is (volgens een motie van Lammert van Raan (PvdD) bevindt de planeet zich op de snel-weg daarheen). Dat riep bij Caroline van der Plas (BBB) een reactie op: jongeren, zei ze, “worden bang gemaakt door woordgebruik als “klimaathel”, dat alleen maar bedoeld is om links beleid erdoor te drukken.” Raymond van Roon (PVV) sprak eenmaal van de migratiehel waar Nederland is “in geloodst door linkse politici”. Deze hel riep geen reactie op van de BBB – maar werd ook minder vaak gezegd.

Judas is een figuur uit het Nieuwe Testament. In de betekenis ‘verrader’ kreeg hij het meest attentie in bijdragen van Thierry Baudet (FVD). Hoort Judas na Goede Vrijdag nog bij enige kerk? Hoe zit dat met een sekte? Martin Bosma (PVV) en Wybren van Haga (Van Haga) spraken beiden van een klimaatsekte.

Nederland wás een christelijk gevormde natie.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Woorden in de Kamer (2020-2023) (10)

Meninkjes in een D66-krantje, mevrouw de Stasicretaris

Totdat hij aansluitend aan zijn verkiezing tot Kamervoorzitter de hamer in de hoogte hief, hanteerde Martin Bosma (PVV) de taal als het wapen waarmee hij politieke tegenstanders sloeg. Bosma is verbaal de meest begaafde spreker van het PVV-smaldeel dat in dit opzicht vanaf 14 december 2023 aan gevarieerde hardheid verloren moet hebben. Daarbij had Bosma het in de hier bekeken periode van 2020-2023 vooral gemunt op D66 – hij koppelde leden van deze partij aan begrippen als elite, geitenwol en grachtengordel. In het verlengde van D66 vormden PvdA’ers een mikpunt.

Kenmerkend voor Bosma zijn diens aanvallen op de Publieke Omroep, door hem bij voorkeur als staatsomroep gekwalificeerd (in Bosma’s voetspoor soms ook door de FVD en Van Haga), getuige een kleine greep Bosma-citaten uit de Handelingen: De staatsomroep is onder een D66’er verworden tot een politiek strijdmiddel. En mevrouw Kaag kreeg laatst anderhalf uur reclamezendtijd op de staatsomroep. Staatsomroep NPO66 levert volop nepnieuws. Durf maar eens te zeggen dat het géén staatsomroep is. We zijn jarenlang voorgelogen, en niet zo’n beetje ook, door de staatsomroep, de NPO, over de vermeende banden die er zouden zijn tussen president Trump en Rusland. “Herhaling doet het geleerde beklijven” konden we vroeger bij Nederlands leren.

Klonk dit allicht luidruchtig, in alle stilte-van-de-taal voorzag Bosma zijn bijdragen naar verhouding veel en vooral zeer ongebruikelijke verkleinwoorden – daarmee zette hij zijn mikpunt van kritiek als klein en onbeduidend neer. Dedain. De NRC noemt hij het krantje van Soros en het D66-krantje. Hij verzucht: “Op de cruciale plekken in onze samenleving zitten allemaal dezelfde mensen, met dezelfde meninkjes en dezelfde antipathieën. Het geurt daar altijd naar NRC Handelsblad, VPRO, D66 en GroenLinks.” Bosma spreekt van politiek correcte wokemeninkjes van mensen met subsidiebaantjes en hij constateerde in links-liberale kringen allemaal van die modetjes en van die grillen. Frans Timmermans noemt hij “lid van het splinterpartijtje Partij van de Arbeid, met negen zeteltjes”. Het CDA en GroenLinks voorzag hij van dezelfde kleinerende kwalificatie.

Cabaretesk het hoogtepunt – politiek in mindere mate – zijn Bosma’s vondsten waarmee hij een tegenstander wegzet zoals op de manier van 1 juni 2023. Het gaat over staatssecretaris Uslu (D66) en haar houding tegenover de omroep Ongehoord Nederland, waarna een reactie van voorzitter Van Meenen volgt:

Bosma: Het riekt naar de DDR, mevrouw de stasisecretaris.

De voorzitter: Kijk, meneer Bosma, u had alweer aangekondigd dat u nog even, omdat ik voorzitter was, de randjes op ging zoeken, maar nu gaat u eroverheen. Stasisecretaris. Het is allemaal leuk gevonden, maar gebruikt u uw intelligentie nou eens ergens anders voor. Dit moet u echt niet doen. Gaat u verder.

Zei Bosma inderdaad stasisecretaris of was het Stasicretaris? De Stasi was de geheime dienst én de geheime politie van het vroegere Oost-Duitsland.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Woorden in de Kamer (2020-2023) (9)

Woke gekkigheid en een teringbende: hou toch op

Klimaatgekte – het woord waar Geert Wilders in de vorige aflevering mee geciteerd is – is een typerende term voor de PVV, soms gepreciseerd tot onbetaalbare klimaatgekte. Geen wonder dat klimaat überhaupt niet voorkomt in het lijstje van twaalf aandachtspunten waar Kim Putters zijn werk als program-informateur mee afrondde.

PVV-woordvoerder Alexander Kops is de absolute klimaatgekte-topscorer, op grote afstand gevolgd door enkele malen Wybren van Haga (Groep Van Haga) en ook Caroline van der Plas (BBB) keek in dit verband eenmaal om de hoek. Alle andere samenstellingen met –gekte als tweede lid komen uit dezelfde politieke hoek: wokegekte, stikstofgekte, lhbtqi-gekte, duurzaamheidsgekte en EU-gekte. Woke is (historisch interessant want internationaal verschoven van oorspronkelijk links-progressief en nu eigendom van rechts) net als al die andere combinerende naamwoorden een term waar het zeer rechtse deel van het politieke spectrum zich respectievelijk mee en tégen verzet, te weten het stikstofprobleem, het streven naar duurzaamheid en een boven-nationale instelling als de EU. Als tweede deel is –gekte vervangbaar door gekkigheid dat zelfstandig of als woorddeel tegen de 90x voorkomt in de Handelingen uit de jaren 2020-2023. Het is voor de hand liggend, dit aan de PVV of zelfs aan Wilders toe te schrijven maar dan verzuimen we aandacht te besteden aan andere sprekers die als het ware in de huid van opposanten kruipen en hen in die niet al te positieve terminologie citeren. Volgens vele bronnen in NRC en laatstelijk nog in zijn filosofische essay Duidelijkheid (z. pl., 2024) haalt Tom-Jan Meeus door hem ingeziene teksten aan, waarin Wilders zélf tal van zijn eigen fractiegenoten als gekken betitelt en dus niet slechts politieke tegenstanders zoals hij dat in het openbaar doet. Voor het woord knettergek geldt m.m. hetzelfde. Uit Wilders’ mond tekenden de verslaggevers van de Handelingen op: We zijn knettergek. De wereld lijkt na de dood van George Floyd in de Verenigde Staten knettergek te zijn geworden. Er gaat 39 miljard naar Frankrijk – U bent knettergek geworden. (….) daar gaat het geld dus naartoe. We zijn knettergek. Mensen worden er helemaal knettergek van. Die mensen worden nu knettergek. Denkt u dat ik knettergek ben? Geen sprake van. Dit land is knettergek geworden, kapotgemaakt door extreemlinks met steun van dat laffe brede midden en de pers, die zich gedraagt als lakei van de macht. De VVD is knettergek geworden. …., denkt de premier dat we knettergek zijn? Veel andere PVV’ers gebruiken hetzelfde woord, meer incidenteel is het waar te nemen bij de SP (Hijink, Futselaar) en zeker ook bij Caroline van der Plas (BBB) en Pieter Omtzigt (Omtzigt) – Wilders is de ongekroonde kampioen in het heldere gebruik van knettergek waarmee anderen verketterd worden. Dit houdt uiteraard verband met de niet bij uitsluiting maar wel vooral door de PVV gebruikte constructie te gek voor woorden (waarover eerder geschreven in dit blog). Dit is hedendaags Nederlands tijdens de beraadslagingen van het Hoge College van Staat dat Tweede Kamer der Staten-Generaal heet.

Gek, geklungel, zwetsen, piepelen zijn enkele voorbeelden uit het PVV-lexicon van duidelijk negatieve woorden. Veronderstelbaar – maar niet nagegaan – is, dat afwijzende voorvoegsels als flut-, fop-, fake, nep– of een eerste lid tering-*) weliswaar glashelder maar tegelijkertijd uiterst negatief Nederlands zijn dat bij uitstek in het rechter-segment van de volksvertegenwoordiging gehoord wordt. In het midden of verder naar links is iets vergelijkbaars in 20-23 niet vindbaar.

Stoort iemand zich aan dat soort Nederlands? In elk geval kan tegen een PVV’er probleemloos uitgeroepen worden: “Hou toch op!” De helft van alle keren dat dit in de Kamer gezegd wordt, komt het uit de mond van iemand van die fractie, dus daar schrikken ze niet van zo’n weerwoord.

*) Roy van Aalst (PVV) zei over de invoering van het door GroenLinks bepleite diftarsysteem in een Oostelijke gemeente: “Het is er één grote teringbende van geworden. We hebben nog nooit zulke vervuilde afvalstromen gehad. Het lost helemaal niks op. Ongedierte loopt door de straten in Enschede.”

Aanvulling 03.05.2024 op basis van dit bericht van Teletekst vandaag:

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen