Van meewarig en serieus: gut, gut!

Het lijkt redelijk, te veronderstellen dat de “rode jonkheer” Marinus van der Goes van Naters de eerste was die in de Tweede Kamer het tussenwerpseltje gut gebruikte. 1) Parlement.com geeft een paar interessante kwalificaties van deze vroegere PvdA-fractievoorzitter: kleurrijk, wat geaffecteerd sprekend, rebels, vooruitziend. “Pleitbezorger van Europese integratie, zorg voor het milieu, natuurbehoud en ontwikkelingssamenwerking. Was actief in het EGKS-parlement en het Europees Parlement.” Dat juist hij als eerste het tussenwerpseltje gut kan hebben gebezigd, onderstreept wellicht eerder Van der Goes’ rebelse dan geaffecteerd sprekende aard.
“Gut, dat is jammer”, citeert hij als het ware zijn collega’s na verwerping van een aantal grondwetsvoorstellen in 1953. In de toenmalige Kamer waren 17 tegenstemmen al voldoende om dat tegen te houden.

Gut zal in 1953 anders geklonken hebben dan nu, niet zo gewoon. Zeven jaar later is Jaap Burger pas de tweede van wie gut genoteerd staat in de Handelingen van de Tweede Kamer. Hij is eveneens van de PvdA en parallel aan het rebelse van Van der Goes is de informatie van parlement.com dat Burger de Kamer in 1962 verliet “na kritiek op zijn ongepolijste stijl.” Ongepolijst maar helder uitte hij zich inderdaad bij de kwestie van de Lauwerszee, twee jaar eerder. Hij stelde binnenskamerse konkelarij aan de orde, 16 februari 1960. De vier coalitiepartijen hadden volgens hem vooraf afgesproken dat een motie van Burger niet in stemming zou komen. “Dat is de binnenskamerse konkelarij, waarmee wij op het ogenblik hebben te maken! Dat is waar ik schande over roep! Ontken het maar eens, als het niet waar is! Zo is het gebeurd!”
KVP-leider Carl Romme schreef een wekelijkse rubriek in de Volkskrant en de aflevering na de Algemene Beschouwingen vat Burger als volgt samen: “gut, nou moet je eens zien, dat is nou de oppositie; wat hebben ze nu te zeggen; niets anders dan die kwestie van de Lauwerszee!”

Was Romme daardoor geraakt? Minder dan twee maanden later (5 april 1960) wordt er gedebatteerd over rassendiscriminatie in Zuid-Afrika en Burger (hij heeft een motie ingediend die spreekt van een flagrante miskenning van mensenrechten daar) wil weten hoe Nederland zich in de VN zal opstellen. Romme parafraseert Burger wat pesterig inclusief diens tussenwerpseltje van zeven weken eerder: “gut, wat zal er nu morgen in de Verenigde Naties gebeuren; het hangt nog helemaal in de lucht.”

Romme, Burger, De Goes van Naters

Daarna duurt het zes jaar voordat gut opnieuw in de Handelingen komt: wederom uit de mond van Jhr. Van der Goes. Zes jaar! Andere tijden! Gut is in de loop van de 21ste eeuw veel gewoner geworden, althans in de bijdragen van een deel van de Kamer maar ook van het kabinet. Een relatief ongekende frequentie heeft gut sinds 2014 gekregen met de komst van Eric Wiebes (VVD), eerst als staatssecretaris en daarna als minister. Grootgutter Wiebes.

Gut is een ‘uiting van verwondering of meewarigheid’ zoals Van Dale zegt. Het is dus geen zware verwensing of iets dergelijks, maar het is wel een klinkervariant van het woord God. Dat is er de reden van dat het tussenwerpseltje in of uit principe niet te horen zal zijn van sprekers namens de SGP of de ChristenUnie. En het CDA? Romme gebruikte het, maar hij was van de KVP, r.k. In die bloedgroep moet het eerst gezocht worden naar CDA-sprekers als zij dit gut in hun repertoire hebben. Maar daarbuiten? In zoverre is het verrassend dat Sybrand Buma (uit een Friese CHU-familie) in 2014 zó van zich liet horen: “Je kunt wel nog een keer de discussie aangaan en zeggen “gut, gut, moet je dat wel doen met al die vlaggen”, maar ze staan er de volgende week weer. Het past hier niet.” Gut, gut!
Het gebeurde in een debat over de aanpak van Nederlandse jihadstrijders. Als de context het al niet duidelijk maakte dan is het déze taal uit de mond van een niet-katholieke CDA’er. Buma moet bij het onderwerp bepaald getroffen geweest zijn.

Wiebes en Buma

1) Dat wil bijvoorbeeld zeggen: als de digitale zoekfunctie goed werkte en de Handelingen in dit talige opzicht een getrouwe weergave vormen van wat er zich in de plenaire zaal afspeelde. Dit laatste is een belangrijk voorbehoud dat ik maar eens uitdrukkelijker formuleer. Onderzoek als dit moet tentatief blijven zonder een uitzonderlijk bewerkelijke vergelijking van de digitale teksten met de audio-opnamen, voorzover beschikbaar.

P.S. Ik hou (kennelijk) van dit onderwerp, want schreef er eerder over in dit blog.

Correctie voorlaatste zin 1e alinea: dank zij Oscar Ydenaar! (31.05.2020)

Over Siemon

Siemon Reker (1950, Uithuizen) was hoogleraar Groninger taal en cultuur aan de Rijksuniversiteit Groningen tot aan zijn emeritaat in 2016. Eerder was hij onder meer streektaalfunctionaris van de Provincie Groningen en actief in de journalistiek (Nieuwsblad van het Noorden, Radio Noord). Publicaties staan onder het kopje C.V.
Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.