Wat het zwaarste is…: “een zo goed amendement” tegenover “zo’n goed amendement”

Duidelijk politiek, dat antwoord van Ockje Tellegen (VVD) op 23 januari dit jaar in de Tweede Kamer gericht tot Maarten Hijink (SP): “Ik zou u willen vragen gewoon op te houden met te beargumenteren waarom u zo een goed amendement heeft geschreven, want dat heeft u. Ik ben het er ook volledig mee eens. Ik kan het alleen niet steunen.” Een beperkte kweek van embryo’s ten behoeve van ivf moet mogelijk zijn, zegt de SP – helemaal mee eens, zegt de VVD maar de ChristenUnie is daar tegen. Er zijn afspraken over gemaakt bij de kabinetsformatie, we zijn gebonden. Sorry, zo werkt het in coalities. Politiek.

Zou het kloppen, zoals het in het ongecorrigeerde verslag van 11 maart 2020 staat? Ja, althans ook in de definitieve versie van de Handelingen vinden we “zo een goed amendement”. Er kunnen sprekers van het Nederlands zijn die eerder “zo’n goed amendement” zouden zeggen, of zelfs wat vreemd kijken bij “zo een goed amendement”. Komt die constructie zo een goed argument meer voor?
Ja, maar anders dan in het citaat van mevrouw Tellegen betekent zo in eigenlijk alle gevallen ‘op die manier, dusdoende’: “Als die partijen elkaar weten te vinden in deze handreiking en er zo een gebalanceerd pakket ontstaat, dan (…)” aldus staatssecretaris Van Ark in 2019. Of denk aan een uitspraak als deze van minister Ollongren: “Over een zo aangepaste motie geef ik graag het oordeel aan de Kamer.” Als die motie op die manier aangepast is, dan enz. Daar bezwijkt bijna onder alle nadruk die het woordje krijgt maar het staat nu vrij los van wat er volgt.

Alleen de combinatie van twee manieren van zeggen dan waarbij zo niet ‘op die manier, dusdoende’ betekent maar iets zegt van wat er volgt. Is er verschil tussen een zo goed amendement en zo’n goed amendement?
Ik heb gezocht in de ongecorrigeerde verslagen uit de twee kalenderjaren 2018 en 2019, maar niet alles wat tevoorschijn kwam is zonder meer door de ballotage gekomen. Omdat we scheidbare woorden als zoals, zodat, zoveel hebben en ook een combinatie-uitdrukking als zo … mogelijk(e), zijn die gevallen uitgefilterd.

Dan resteren dit soort gevallen van de bijzonderste constructie van de twee, …een zo (+ bijvoeglijk naamwoord)…. uit 2018 en 2019. Nemen we drie voorbeelden uit elk van beide kalenderjaren:
In een zo bloedige oorlog waar bovendien allianties kunnen veranderen,… (minister Blok)
… komen tot een zo belangrijke vernieuwing van ons pensioenstelsel. (minister Koolmees)
… om bij een zo duidelijke situatie met een alliantie ervoor te zorgen… (Kees Verhoeven D66)
… door dit ene zinnetje uit een zo grote memorie van toelichting te halen… (minister Slob)
… periodiek onderhoud op een zo gevoelig proces. (Chris van Dam CDA)
… juist als het gaat om een zo kwetsbare doelgroep. (staatssecretaris Blokhuis)

Het is een hele opgave om de kwestie na te zoeken in de hele taalkundige literatuur en alle Nederlandse grammatica’s, – in de samenvattende ANS vond ik de oplossing niet. Het bleek verrassend simpel, toen de gevallen eenmaal geselecteerd waren.
Ik stel me even voor dat ik nieuwslezer ben en de rijtjes min of meer neutraal moet voorlezen zónder persoonlijke inbreng maar wel zo natúurlijk mogelijk. Vooral met behulp van de accentuering (subjectief!) komt het onderscheid dan aan het licht:

In mijn eigen, veronderstelde realisering ligt bij het A-rijtje het zwaarste accent op het bijvoeglijke naamwoord, in de B-groep juist iets meer naar achteren op het zelfstandig naamwoord. Voorstelbaar is dat, gegeven het juist ongrammaticale karakter van de woordgroep *een zo oorlog/vernieuwing/proces net als *zo’n bloedige/belangrijke/gevoelig.

Dat correspondeert met het betekenisverschil.
In A is de oorlog, de vernieuwing, het proces als het ware al het gespreksonderwerp, het gáat achtereenvolgens om het bloedige karakter ervan, om het belang van de vernieuwing, het sensitieve aspect van het proces.
In B wordt weliswaar ook gesproken van bloedig, belangrijk en gevoelig, maar dat wordt hier eerder in éen moeite meegenomen – nu ligt de focus op het bijbehorende zelfstandig naamwoord.

Hetzelfde geldt voor goed en amendement waar deze bijdrage mee begon. In het ene geval gaat het primair om goed, in het andere om amendement.

Kortom: een zo goed amendement is niet helemaal hetzelfde als zo’n goed amendement.

Ockje Tellegen prees de inhoud van Maarten Hijinks voorstel dus uitdrukkelijk: uiteraard was het een amendement, maar het was góed! Door de gekozen woordvolgorde deed ze dat misschien wel uitdrukkelijker dan hij (of de ChristenUnie) het heeft waargenomen.

Ockje Tellegen en Maarten Hijink

Over Siemon

Siemon Reker (1950, Uithuizen) was hoogleraar Groninger taal en cultuur aan de Rijksuniversiteit Groningen tot aan zijn emeritaat in 2016. Eerder was hij onder meer streektaalfunctionaris van de Provincie Groningen en actief in de journalistiek (Nieuwsblad van het Noorden, Radio Noord). Publicaties staan onder het kopje C.V.
Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.