Lilian M. en Saïda M.: het zins-einde spetterdespetterend in de pan

Dit is een impressionistisch stukje. Marc van Oostendorp (actief over een breedheid van fronten en universiteiten als geen ander in de sfeer van de Nederlandse taalkunde) attendeerde me zoveel jaren geleden ongeweten via een filmpje op het verschijnsel van vocal fry. Vocal is vocaal, de stem betreffend; fry in deze context is volgens de OED: “To cook (food) with fat in a shallow pan over the fire.” Shallow-fry is kort braden.

Wat gebeurt er bij vocaal kort braden? Het simpelst is, te verwijzen naar sprekers die het doen (v/m maar in de praktijk v), het bij hen te observeren en vanaf dat moment is het helder… Het is te vergelijken met de barstjes van craquelé: het begin van een zin klinkt normaal, maar tegen het eind gaat de toonhoogte wat omlaag en daar begint het braden, de hoorder krijgt een impressie alsof de stem een tikkeltje breekt. Geen nood, een tel later is alles weer normaal, dat wil zeggen totdat de stem aan het einde van een nieuwe zin weer naar beneden gaat en het gespetter opnieuw eventjes aangeeft dat hier een punt bereikt wordt. Trouwens, een woord dat met een glottisslag begint (in de spelling een klinker) is ongeacht de positie in de zin gevoelig voor vocal fry.

Voorbeeld? Ik legde het aan Marc van Oostendorp voor en vroeg hem of vocal fry een kenmerk was van Journaal-presentatrice Saïda Maggé.

Saïda Maggé (website NOS)

Hij schreef snel en to the point iets terug als: Ik denk dat je gelijk hebt, het is heel licht, maar waarschijnlijk vocal fry. Het is soms moeilijk vast te stellen omdat die vocal fry ook een automatisch effect kan zijn van iemand die net een beetje te laag spreekt voor zijn of haar stem. Maar het lijkt me, hoewel heel licht, vrij systematisch voor haar. Tot zover Marc van Oostendorp.

Kortom, lezer: zoek via internet naar actuele taal van deze – overigens plezierig overkomende – presentatrice van het NOS Journaal en let op het einde van haar zinnen.

In de Tweede Kamer is Lilian Marijnissen (SP) de opvallendste braadpan-spreekster. Zij doet het net iets minder systematisch dan Saïda Maggé (die leest teksten voor van de teleprompter en ziet het zinseinde aankomen) maar door haar frequente optreden in de plenaire zaal is Marijnissen opvallender dan de paar andere Kamerleden die in de buurt komend van de uitgang van een zin nog even naar de keuken rennen om een visje te keren. Zo zijn er, tot mijn grote verrassing Anne Kuik (CDA) en Stientje van der Graaf (ChristenUnie)*) – juist in deze christelijk-politieke sector verwacht je het niet zo snel als bijvoorbeeld bij andere stromingen. Maar systematisch heb ik er niet op gelet (en dat was ook lastig ten tijde van corona), wie weet zijn er meer. De stenografen van de Tweede Kamer zullen deze vraag zó kunnen beantwoorden, maar dat zal hun uit hoofde van het ambt wel verboden zijn.

Marijnissen, Kuik, Van der Graaf (website TK)

Wie zeker niet aan vocal fry doet is Pia Dijkstra (D66), een al weer wat verdere voorganger van Saïda Maggé bij het Journaal. Daar is een simpele reden voor: te oud. Vocal fry is een vrij nieuw verschijnsel. Lees wat Marc van Oostendorp als feitjes toevoegde aan zijn eerdere reactie: “Overigens is het in Engeland ook vrij nieuw, maar doet in Amerika volgens mij inmiddels iedereen van de kusten (iedereen die niet op Trump stemt) van onder de vijfenveertig het inmiddels, ook mannen.”

Dr. Maria Van Kerkhove van de WHO is een vocal fry-spreekster, maar ja dat is ondanks haar Vlaamse naam een Amerikaanse. Verrassender zijn twee actrices in Downton Abbey, een serie waarvan de inhoud voor WO II is afgelopen. Desondanks worden de rollen van vooral Edith Grantham (Laura Carmichael) en iets minder van Mary Crawley (Michelle Dockery) krakend vervuld op zinseinde. Enkele tientallen jaren te vroeg, veronderstel ik. Hun moeder is én speelt Amerikaanse, maar juist deze (Cora Grantham die in werkelijkheid Elizabeth McGovern heet) laat geen vocal fry horen en dat klopt misschien in dit eerste deel van de 20ste eeuw. Bij de BBC is verslaggeefster Anna Collinson een voorbeeld van weer wél. Liever nog een Nederlands voorbeeld? Prof. Mary Pieterse-Bloem bij Buitenhof op 24.05.2020.

Mary Pieterse-Bloem (beeld van Buitenhof-uitzending)

In Nederland lijkt het momenteel dus een jong en middelbaar feminien verschijnsel maar dat zal veranderen; de fry-spreeksters zullen ouder en ouder worden, mannen zullen opduiken in dit koor. Aannemelijk is bepaald niet, dat de drie spreeksters in de Tweede Kamer dat braad-gepraat geleerd hebben van hun moeder maar wie hebben ze dan wel geïmiteerd? En hoe bewust is dat geweest en waarom namen ze dat over? Merkten ze dat er anders, positiever gereageerd werd op die craquelé-spraak in vergelijking met te praten zoals vroeger?

Vragen te over. Ik vraag me ook af, of het voor de stembanden goed is – merken we allemaal later.

Wie sprekers (v/m) aan het Binnenhof of anderen wil aanvullen: welkom! En of het ook al in Vlaanderen is doorgedrongen, ik weet het niet.

*) Aanvulling 06.09.2020: Stieneke van der Graaf trad zojuist op als gast van Andries Knevel op NPO2. In dat gesprek viel van haar nauwelijks vocal fry te horen – ze sprak tegenover hem voorzichtiger (aarzelender en hoger!) dan ze in de Kamer gewoon is. Duidelijker deed ze dat eerder deze week op 3 september zonder dat zo systematisch te doen als de genoemde Journaal-presentatrice of de SP-leidster : zie en beluister desgewenst https://debatgemist.tweedekamer.nl/debatten/burgerinitiatief-ik-ben-onbetaalbaar

Aanvulling 08.09.2020: De afgelopen dagen hoorde ik vocal fry via de BBC vain politiek verslaggeefster Helen Catt en Breakfast-presentatrice Louise Minchin. Ook bij University Challenge (07.09.2020) was het hoorbaar, dat wil zeggen uit de mond van enkele vrouwelijke deelnemers tijdens het voorstellen van zichzelf. Geen wonder dat het niet registreerbaar was bij het geven van antwoorden: de intonatie dan is veelal vragend en dus hoger van toon. En is minister Matt Hancock een van de weinige mannen die dit spraakkenmerk vertonen?

Over Siemon

Siemon Reker (1950, Uithuizen) was hoogleraar Groninger taal en cultuur aan de Rijksuniversiteit Groningen tot aan zijn emeritaat in 2016. Eerder was hij onder meer streektaalfunctionaris van de Provincie Groningen en actief in de journalistiek (Nieuwsblad van het Noorden, Radio Noord). Publicaties staan onder het kopje C.V.
Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.