De takketandjes van Farid Azarkan. Ik denk, ik denk….

De takketandjes van Farid Azarkan (DENK) ja, want deze woordvoerder introduceerde dat woord in 2020 in de plenaire zaal van de Tweede Kamer. Hij introduceerde het niet alleen, hij gebruikte het daarna nog driemaal in datzelfde kalenderjaar – straks daarover nader. Takketandjes? Ik denk dat het redelijk is om dat woord van achteren te benaderen, van rechts naar links. Tandjes is een term die in vrij vaste combinatie met het werkwoord schrikken vindbaar is in kranten. Niet alle kranten, we moeten ze van twee beperkingen voorzien: het gaat om bladen na 2000 en we moeten ons op Zuid-Holland richten. Zich de tandjes schrikken lijkt dus een regionale en een actuele manier van zeggen.

In 2001 staat in het Rotterdams Dagblad (dank, LexisNexis): “De tieners schrikken zich de tandjes als jichtige Jop binnenstrompelt.” Daarna zien we pas in 2014 in Groot Rijswijk: “We schrokken ons de tandjes, toen we de muziek van Ramstein horen.” Zo staat het er.
In 2019 valt het AD/Haagsche Courant te citeren: “Naast het feit dat je je als buurtbewoner de tandjes schrikt heb je ook nog te maken met gevaar voor woningen.”
Verrassend vanuit een geografisch perspectief is het dan dat we in 2020 in het Dagblad van het verre Noorden zien dat mensen zich de tandjes schrokken: zich de tandjes schrikken is aan een verspreiding over Nederland begonnen vanuit de omgeving van Rotterdam.

Wat schrikken we ons verder (behalve de tandjes) in het Nederlands als we dat een beetje willen benadrukken? We schrikken ons dood, wild, rot, kapot, een hoedje, lam, een ongeluk, een bult, te pletter, wezenloos, het lazarus, te barsten, het leplazarus, een aap, het apezuur, de pleuris, ongelukkig, een puist, een beroerte, naar, suf, gek, het schompes, te barsten, lens, apelazarus, een rolberoerte, ongans, de ziekte – het is met geen pen te beschrijven zou Geert Wilders (PVV) zeggen.

Interessant in ons kader zijn twee wat verborgen maar verlengde medische termen in deze reeks: leplazarus (denk aan lepra) en rolberoerte. De eigenlijke ziekte heeft aan de voorzijde een verlengstuk gekregen dat een beetje allitereert met de rechterkant: leplazarus, rolberoerte.

Nu komt takketandjes in beeld. In Van Dale (dat dit woord nog niet heeft) kunnen we het negatieve voorvoegsel takke– geïllustreerd zien aan takkeherrie, takkelijer, takkemens, takkeweer, takkewijf. Takke- is een restant van het Franse woord attaque ‘beroerte’ en dat past in deze sfeer dus precies. Het versterkt door de allitererende klank en de medische verwensingen horen bij deze intensiverende bijwoorden.

Farid Azarkan (website Tweede Kamer)

Azarkan was in 2020 veel aan het woord wegens corona en er was door de druk op de medische zorg en bij andere sectoren alle reden om naar uitroeptekens te grijpen. Zo zei de DENK-fractieleider onder meer: “De antwoorden van de VVD zijn pijnlijk, zeker als je je de afgelopen maanden in de zorg de takketandjes hebt gewerkt.”
We schríkken ons niet meer zozeer de tandjes, sommigen van ons wérken zich de takketandjes – wacht maar af.

Denk ik.

Over Siemon

Siemon Reker (1950, Uithuizen) was hoogleraar Groninger taal en cultuur aan de Rijksuniversiteit Groningen tot aan zijn emeritaat in 2016. Eerder was hij onder meer streektaalfunctionaris van de Provincie Groningen en actief in de journalistiek (Nieuwsblad van het Noorden, Radio Noord). Publicaties staan onder het kopje C.V.
Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

2 reacties op De takketandjes van Farid Azarkan. Ik denk, ik denk….

  1. Rob Alberts schreef:

    In plaats van “dor hout” schrijf jij nu over takke uitdrukkingen?

    Vredelievende groet,

  2. De Tandenfee schreef:

    Zojuist wederom in het debat gebruikt door dhr. Azarkan!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.