Vera Bergkamp in het omgangsdebat – taal waar u van schrikte

Zoveel weken geleden wilde ik graag naar het debat van de Tweede Kamer dat vandaag uiteindelijk werd gehouden. (Het is 09.03.2022 en ik heb het ongecorrigeerde plenaire verslag nog niet gezien.) Dat bezoek op de publieke tribune zou zeker op een teleurstelling uitgedraaid zijn, weet ik nu. Ik zou maar een partje hebben mogen volgen in de zaal en het lot zou dan vooral beslissen welk stukje. Vandaag heb ik alleen de beantwoording door Vera Bergkamp (D66) in haar rol als lid-voorzitter live kunnen volgen. Henk Nijboer (PvdA) was de dienstdoende president en toen ik hem hoorde zeggen dat het debat na een pauze verder zou gaan om “twintig over” van een bepaald uur wist ik weer dat hij uit het Noorden kwam. Een meer Amsterdamse spreker (zoals de met veel stemloze klanken sprekende Fera Bergkamp van het preessidium) spreekt eerder van “tien voor half”. Regionaal bepaalde taalvariatie.
Hoezeer Roelof Bisschop (SGP) ook zijn best deed om het over vulgair taalgebruik te hebben en over vloeken – beide door hem bestreden, concrete gevallen dienen in zijn zienswijze bij voorkeur uit de Handelingen geweerd te worden – het ging daar nauwelijks over in Bergkamps beantwoording. Nu ja, ze betitelde wat Rutte bij het spreken met de Kamer ontkwam bij het omstoten van een bekertje koffie, een scheldwoord en niet een vloek, wat dat verdomme natuurlijk was. Ik denk dat mevrouw Bergkamp op dit punt niet zo precies op taal is als de SGP-woordvoerder. Maar Bisschop schonk premier absolutie want deze had destijds direct berouw betoond.

Vera Bergkamp in de voorbereiding in vak-K (i)

Ja, ik heb wat op de taal van de voorzitster gelet en was enkele malen verrast. Meneer Eerdmans (Ja21) mag het “form over substance” noemen zoals hij het spreken-via-de-voorzitter betitelde, het blijft informatief om mevrouw Bergkamp te horen zeggen “dat we schrikten van dat woord”. Schrikten! Zo is het ook vrij uitzonderlijk Nederlands om in het meervoud te spreken van coulisses zoals zij deed, net als haar accentuering van het woord unícum dat de hoofdklemtoon op dezelfde positie had als uníekheid. (Zie de aanvulling bij een stukje over dit onderwerp dat het meest aangevulde stukje van dit hele blog is.)

Mevrouw Bergkamp kent of gebruikte niet het onderscheid tussen het en de figuur, achtereenvolgens een afbeelding en daartegenover in “een vreemde figuur” met de betekenis ‘iets geks’. Zij zei: “ik vind dat een vreemd figuur”. Ik ook. [P.S. Zie aanvulling onderaan.]

Kamerleden zullen geluiden in de samenleving proberen te representateren zei de voorzitster, een vaker voorkomende uitglijder die misschien mede z’n oorzaak vindt in woorden als mandateren of relateren. (Een kennis van mij zei vroeger graag recreatatief naar het model van facultatief. Het komt dus vaker voor maar opmerkelijk blijft het.)

Voorzitster-Bergkamp had geen samenhangende beschouwing. Ze pakte papieren uit verschillend gekleurde mapjes, een handeling die ze vanuit haar gewone positie kende en wat ze nu met genoegen zelf kon doen en gebruikte die om dingen improviserenderwijs te zeggen zónder het in de Tweede Kamer verboden woord blokjes te gebruiken. Ach, in zo’n omstandigheid komen er momentjes voor het rode potlood en dingen die Roelof Bisschop graag niet in de Handelingen opgenomen wil zien wellicht.

Uiteindelijk vond ik een andere impressie in dit stukje debat veel belangrijker. Dat is de voorzichtigheid waarmee mevrouw Bergkamp zich over het ijs van B67 bewoog. Lam was ze en geen leeuwin. Ze kwam met behoedzame uitspraken, wilde over véel nog eens nadenken of anders wel overleggen – meer zeg ik er nu niet van. Dat leek wel (zoals zij het op zeker moment bescheiden samenvatte) wat ik zie als mijn visie. En tussendoor talloos veel malen zeg ik maar, zeg ik ook, laat ik zeggen, ik was zeg maar niet de voorzitter, het blijft zeg ik u ook, waar iedereen laat ik zeggen, zeg ik u ook maar zo.

Al met al klonk het buitengewoon nederig tegenover de Kamer. Toch wel, best wel, best, toch, wel, best, nog best wel beren op de weg. Maar een belangrijke toezegging kwam er mooi wél in het debat: in het najaar is er een toezeggingsregister gereed, ergens tussen eind september en eind december. Het is vandaag 9 maart, dus binnen een maand of negen.

Vera Bergkamp in de voorbereiding in vak-K (ii)

Aanvulling 10.03.2022: De stenograaf hoorde, nee schreef, een vreemde figuur. Ook de zwakke verleden tijd schrikten staat niet in de ongecorrigeerde (maar op deze punten dus wel degelijk gecorrigeerde) Handelingen en is dus verbeterd in schrokken. Hetzelfde geldt voor representateren > representeren. Aan een hele opsomming van het type weglatingen in heel uitvoerig (zeg maar) te delen, die werkgroep (zeg maar) te delen, over iets het heel uitvoerig (zeg maar) te hebben e.d. waag ik me hier maar niet. De Dienst Verslaggeving en Redactie doet inderdaad ook aan redactie. 

Over Siemon

Siemon Reker (1950, Uithuizen) was hoogleraar Groninger taal en cultuur aan de Rijksuniversiteit Groningen tot aan zijn emeritaat in 2016. Eerder was hij onder meer streektaalfunctionaris van de Provincie Groningen en actief in de journalistiek (Nieuwsblad van het Noorden, Radio Noord). Publicaties staan onder het kopje C.V.
Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

1 Reactie naar Vera Bergkamp in het omgangsdebat – taal waar u van schrikte

  1. Martinus schreef:

    Dit is wel een interessant fenomeen, dat langzaam aan de sterke werkwoorden worden omgezet in regelmatige werkwoorden. Ik weet niet hoe dat in het Gronings is, maar in de Friese taal vind ik meer sterke werkwoorden terug dan in het Nederlands. Nederlands is een relatief nieuwe taal die de oude taalvormen zoveel mogelijk buitensluit. Omdat de oorspronkelijke nieuwkomers, de Franken, moeite hadden met deze nieuwe taal. In het Chinees zie je iets vergelijksbaars. Dat is bijna een mathematische taal.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.