Woorden in de Kamer (2020-2023) (11)

Godgeklaagde ombuigingsbijbel en de links-liberale kerk

Het is Hemelvaartsdag. Dat Nederland een christelijke natie is, is in de beraadslagingen van de Tweede Kamer merkbaar aan de taal die er gesproken wordt. Dat geldt trouwens ook voor Nederlands dat door een deel van de leden als het ware verzwégen wordt. (Vergelijk de bijdrage waarin het ging over enkele tussenwerpsels in de Tweede Kamer.) Mensen die laten we zeggen in de sfeer van SGP of het strengere deel van bijvoorbeeld het CDA of ChristenUnie zijn opgegroeid, die weten hoezeer het woord ertoe doet. Vooral taal die niet behoorde te klinken speelde daarin een voorname rol, naast natuurlijk oudere, Bijbelse taal (de variant waaraan het begrip Kanaän wordt gehecht). Hoe zou er in de fracties van CDA, SGP en CU gekeken worden, wanneer een ander Kamerlid een term als godgeklaagd gebruikt? Jesse Klaver richtte zich misschien niet zonder reden tot een van de genoemde partijen toen hij zei: “Bouwprojecten kunnen niet doorgaan. Wegen kunnen niet worden aangelegd. Ik zie CDA-gedupeerden erover klagen dat het toch godgeklaagd is dat deze projecten niet doorgaan. Wat wil het CDA?” Zoú er uit christelijke hoek op Klavers Nederlands gereageerd zijn? Zou er al die andere keren minstens gefronst zijn als het woord viel, maar dan telkens uit de mond van een PVV’er?

Niet-confessionele fracties hebben met het gebruik van god- als eerste lid van een samenstelling geen enkel probleem, getuige de Handelingen. Maar dan vraagt Dion Graus (PVV) aan CDA-woordvoerder Jaco Geurts: “Als u zegt “ik ben de alleswetende, ik ben de godalmachtige; bekijk het maar”, dan is dat niet waar, want ik heb tot nu toe altijd gelijk gehad en u heeft altijd ongelijk gekregen.” Vervolgens zegt de aangesprokene – afkomstig van de Veluwe – betekenisvol: “Ja, wat moet je daar nou nog op antwoorden?”

Naar begrippen uit de christelijke sfeer wordt vaker in het Nederlands en zeker ook in dat van parlementaire vergaderingen gegrepen. Is daar confessioneel over gemopperd? In het voetspoor van Pim Fortuijn werd het bekendste voorbeeld het begrip kerk, depreciërend en dus vreemd benut in bijvoorbeeld de linkse kerk. Daarover ging het hier eerder. Is daar bij een van Bosma’s voorzitter-voorgangers wel eens bezwaar tegen aangetekend? Bosma zelf volgde als spreker het christelijke pad door het te hebben over “Denk aan klimaatsocialisme. Denk aan eurofilie. Denk aan massa-immigratie. Dat is de heilige drie-eenheid van de links-liberale kerk.” Heilig, drie-eenheid, kerk. Bosma zegt ook graag bij een overleden peresoon: “God hebbe zijn ziel.”

Veel minder succesvol zijn samenstellingen op –profeet en –paus maar ze komen voor. In de jaren 20-23 van deze eeuw kwamen ondergangsprofeet en oorlogsprofeet langs, veel frequenter viel de term klimaatpaus. Alexander Kops (PVV) was de eerste gebruiker; een keer of 10 plakte hij dit etiket op toen nog de door Nederland aangewezen Eurocommissaris Frans Timmermans. Kops kreeg in dubbel opzicht navolgers in anderen van wie sommigen (Caroline van der Plas, BBB) eveneens Ed Nijpels (VVD) zó betitelden. Is het toeval dat Timmermans en Nijpels uit het Zuiden afkomstig zijn? Kops sprak ook over (de grootheidswaan van de) klimaatpredikers. Haatprediker is een breed gangbare aanduiding in de plenaire vergaderingen. Farid Azarkan (DENK) noemde iemand van de RIVM coronapaus. Ja, imams komen in de Kamer ook negatief weggezet voor. Wilders sprak eenmaal van een PvdA-imam en in VVD-kring is de aanduiding haatimam geliefd.

Apart in dit geheel is minister De Jonge (zoon van een predikant) die onder verwijzing naar coronapersconferenties van de eerste minister zei: “Zie je bijvoorbeeld na een van de preken van dominee Rutte op dinsdagavond meteen weer beweging in het land?” Ds. Rutte en preken.

Fleur Agema (PVV) sprak driemaal van de ombuigingsbijbel van het ministerie van Financiën. Bijbel. Dat was evident negatief bedoeld, in schril contrast met begrippen als Bijbelboek, Bijbelschool, bijbelvast, familiebijbel, begrippen die klonken uit de monden van bijvoorbeeld SGP’ers die verder zo dicht bij de PVV hun zitplaats hebben in de Tweede Kamer.

Bijzonder, dat zóveel kerkelijke terminologie in zo’n vanuit de historie christelijk land als Nederland in de politiek na Fortuijn een zó negatief geladen betekenis kan krijgen. Is hel ook een christelijk begrip? De samenstelling klimaathel kwam in 20-23 als verreweg vaakst gebruikt woord op –hel voor. Bijzonder: het was deze keer primair en herhaald zeer sterk idioom van de linker zijde (Joris Thijssen, PvdA) en wel als waarschuwing, als een bestemming waar de planeet naartoe op weg is (volgens een motie van Lammert van Raan (PvdD) bevindt de planeet zich op de snel-weg daarheen). Dat riep bij Caroline van der Plas (BBB) een reactie op: jongeren, zei ze, “worden bang gemaakt door woordgebruik als “klimaathel”, dat alleen maar bedoeld is om links beleid erdoor te drukken.” Raymond van Roon (PVV) sprak eenmaal van de migratiehel waar Nederland is “in geloodst door linkse politici”. Deze hel riep geen reactie op van de BBB – maar werd ook minder vaak gezegd.

Judas is een figuur uit het Nieuwe Testament. In de betekenis ‘verrader’ kreeg hij het meest attentie in bijdragen van Thierry Baudet (FVD). Hoort Judas na Goede Vrijdag nog bij enige kerk? Hoe zit dat met een sekte? Martin Bosma (PVV) en Wybren van Haga (Van Haga) spraken beiden van een klimaatsekte.

Nederland wás een christelijk gevormde natie.

Over Siemon

Siemon Reker (1950, Uithuizen) was hoogleraar Groninger taal en cultuur aan de Rijksuniversiteit Groningen tot aan zijn emeritaat in 2016. Eerder was hij onder meer streektaalfunctionaris van de Provincie Groningen en actief in de journalistiek (Nieuwsblad van het Noorden, Radio Noord). Publicaties staan onder het kopje C.V.
Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.