Wat zei Martin Bosma onmiddellijk na zijn verkiezing tot Kamervoorzitter? “Ten slotte wil ik iedereen bedanken die op mij gestemd heeft. Mensen die niet op mij gestemd hebben, zullen dat nog merken bij de verdeling van de spreektijden. Nee, geintje! Geintje! Politiek is een ernstige zaak en het gaat over heel veel dingen en heel veel belangen, maar het Kamerlidmaatschap is tegenwoordig nog maar heel kort en we moeten ook met z’n allen een beetje lol hebben de komende tijd dat ik hier mag zitten. Dus laten we alsjeblieft een beetje lol hebben en naast al het serieuze werk ook een beetje gein trappen op zijn tijd.”
Het is morgen een week geleden (24 september 2024) dat de voorzitter van de Tweede Kamer in het begin van de bijeenkomst – tussen Vragenuur en Stemmingen – het volgende zei: “Voordat we overgaan tot de stemmingen, begin ik even met een prachtig jubileum. Onze Dienst Verslag en Redactie bestaat namelijk 175 jaar, en dat is wel even de moeite waard.
(Geroffel op de bankjes)
De voorzitter:
Daarom zitten de mensen die al onze briljante woorden voor de eeuwigheid vastleggen vandaag even in de Voorzittersloge. De dienst begon als de Stenografische Dienst in 1849. De meest fameuze werknemer ooit was natuurlijk Willem Drees. In 2004, twintig jaar geleden, werd de dienst omgevormd tot de Dienst Verslag en Redactie. We zijn ze natuurlijk enorm erkentelijk voor al het harde werk dat zij voor ons doen.

Om dit prachtige moment te markeren draag ik een gedicht aan hen op. Het is een gedicht van Gerrit Achterberg met als titel Stenografie.
Nu gij geen ander lichaam hebt kunnen — nee:
Nu gij geen ander lichaam hebben kunt
dan punt voor punt verwijderend van wat
ik eenmaal in mijn armen heb gehad,
waarmee gij u ten einde toe verdunt,
wordt mij het stationnaire woord misgund
over uw toestand. Alles wat ik had
aan overzicht veroudert op het blad.
Ik volg u stenografisch, stuntelend
en streep u door of laat u staan en scheid
u van het vorige in streng beleid,
want onverbiddelijk vergaat de tijd
en groter wordt de wereld om mij heen
te inventariseren, steen voor steen,
want niets in de natuur liet u alleen.
Dat lijkt me een simpel gedicht, waarvan iedereen begrijpt wat ermee bedoeld wordt”, aldus de Kamervoorzitter. Geintje!
Op een kleine uitzondering na, stond de aandacht voor het 175-jarige jubileum zó als hierboven in de Handelingen, op de website verscheen het niet lang na dit gedeelte van de vergadering. Zó werkt die jubilerende Dienst Verslag en Redactie in alle onzichtbaarheid, allang. Fantastische Stenografische Dienst die dus sinds 20 jaar DVR heet. Ik maak bij wijze van spreken dagelijks gebruik van wat de Dienst op basis van wat er in het Parlement gezegd wordt en gebeurt (zoals het roffelen op de bankjes of hilariteit) – ik ben op de DVR gesteld, heb er veel respect voor want het is lang niet altijd simpel wat zij moeten doen en over hun werktijden zwijg ik. Ik betreur onveranderd dat het Presidium ooit meende deze verslaggevers uit het midden van de vergaderzaal te moeten verwijderen en hen aan de wand te plakken. Ik begrijp dat nog steeds niet, heb op vragen daarover geen antwoord ontvangen. (Zie De plek van de stenografen.)
Toen de Stenografische Dienst der Staten-Generaal 150 jaar bestond, werd er onder leiding van B.J. Bonenkamp een dik boek over samengesteld Zwijgend medewerker en aandachtig luisteraar (Den Haag, 1999). Bij het eeuwfeest van dezelfde dienst schreef directeur Wichert Jan Bastiaan een minder dik maar zeker zo informatief Gedenkschrift (‘s-Gravenhage, 1949) – dr. Willem Drees leidde het in.
Bij het prachtige moment van het 175-jarige jubileum begon Martin Bosma met even van het prachtige jubileum te reppen, want dat was wel even de moeite waard als gevolg van het prachtige werk dat de stenografen doen: al onze briljante woorden voor de eeuwigheid vastleggen. Enkelen van de DVR mochten daartoe even in de Voorzittersloge zitten. Even inderdaad, de hele attentie duurde amper twee minuten.
Niet de 175-jarige stond centraal, wel de Voorzitter en die plaats waar briljante woorden gesproken worden. Geintje, geintje!
Als present klonk voor de DVR een gedicht van Gerrit Achterberg – niet te begrijpen, maar de ambtenaren naast Bosma deden tijdens de declamatie hun best om zó te kijken dat wij dat niet door hadden.

De valse start door een verspreking in regel 1 liet de DVR keurig weg. Dééd er misschien ook niet toe, maar symboolwaarde hád het.