Verrassend, de woorden ordelijk en ordentelijk komen in de schrijvende Nederlandstalige media vergelijkbaar vaak voor (dus vooral kranten en internet) – ja, dat is een surprise. Hoe gewoon ordelijk mag ogen, ordentelijk het sterk gelijkende ordelijk is van een andere orde. Het wekt een ambtelijke, papieren, wat juridiserende impressie – vandaar die verrassing die ik door het tellen met behulp van LexisNexis kreeg. LexisNexis is de voorganger van Nexis Uni, Rutte was de voorganger van Schoof.
In 373 wekelijkse persconferenties kwam Mark Rutte als MP in totaal tot minder dan 10x ordentelijk, Dick Schoof scoort dat woord inmiddels al een stuk of 50 keer. Hij heeft momenteel 19 persconferenties achter de rug. Dat is gemiddeld een groot verschil met zijn voorganger: 2,5 per persco ordentelijk zeggen tegenover minder dan 0,03 per keer: Schoof staat stráátlengtes voor. Misschien is ordentelijk via Lexisnexis daarom vaker te vinden dan eerder het geval was: een rechtstreeks effect van aanhalingen van Schoof?

Wanneer gebruikt Dick Schoof het aan ordentelijk verwante ordelijk? Op de persconferenties liet hij dat tot dusverre nog na. Nul maal.
Rutte wisselde ordentelijk wél af met ordelijk: 10 tegenover 35. Rutte greep dus wat vaker naar het gewoonst gevoelde woord van de twee.
Is er reden om beide bij elkaar te betrekken? Jan Renkema heeft dat gedaan in zijn even interessante als verzorgde Verwarwoordenboek. Hij maakt daar onderscheid (kijk rechtstreeks naar het betreffende woordenpaar):
ordentelijk zoals het behoort, fatsoenlijk; behoorlijk, redelijk
ordelijk geordend (tegenover ‘slordig’), netjes, rustig
In de media zie ik minder helder een praktisch verschil tussen beide. Vergaderingen verlopen in de verslagen niet verplicht ordentelijk zoals je zou verwachten, bij betogingen is er niet immer sprake van ordelijk wat daar eerder van toepassing zou zijn wanneer het níet uit de hand liep.*)
Rutte leek op zijn pc’s te discrimineren tussen ordelijk en ordentelijk, voor Schoof bestaat tot nu toe alleen het gebruik van ordentelijk. Dat woord komt (althans op mij dus) ambtelijk over. Inderdaad, Rutte moet bij ordentelijk vooral aan een proces met wetgeving gedacht hebben zoals een procedure. Neem de uittreding van het VK uit de EU als voorbeeld, dat moest wél ordentelijk verlopen, net zoals wanneer een land uit de euro wilde gaan. Denk aan faseren.
Gebruikte Rutte ook ordentelijk in het concrete geval van die bijzondere benoemingsprocedure van Donner tot vice-president van de Raad van State waarbij hij de journalisten zand in de ogen probeerde te strooien? Neen, alleen ordelijk: “Het ordelijke proces is, even los van alle namen die ik zo overal lees, dat we eerst in dit geval de vacature aankondigen en dat doen we ergens via een van uw media en dan daarna gaat dat proces zich ontrollen.” Iedereen wist: minister Piet Hein Donner wordt het per 1 februari 2012.
Hier zou ordentelijk gepast hebben, maar misschien vreesde de premier wel dat er achterdocht zou ontstaan als hij het ongewonere woord hier in de mond zou nemen.
Dat kan Dick Schoof dus niet overkomen, hij gebruikt altijd ordentelijk en zo op het oog in een zeg maar vaste combinatie met besluitvorming of besluitvormingsproces– wát er ook gebeurt, maar wat er ook níet gebeurt voor, tijdens of na de vrijdagse inloop-interviews bij het Catshuis en ondanks eerdere toezeggingen of aangekondigde planningen.
Hoe meer op de wekelijkse persconferenties in Den Haag het begrip ordentelijk gebruikt wordt maar hoe minder resultaat het kabinet levert, des te sterker dringt zich de indruk op van ordentelijk en gedrochtelijk Nederlands. Noem het parmantelijk.
*) In een krant krijgt de nieuwe burgemeester van Bunschoten, Jaco Geurts een pluim over zijn eerdere burgemeestersoptreden: “Iemand die de raadsvergadering kort en ordelijk hield.”