Grensbeloop, kostenbeloop en ander gebruik van het verdwijnende belopen

Stukjes Nederlands zullen – ongetwijfeld net als in alle andere talen – ongemerkt verdwijnen, zoals andere partjes als nieuw ervaren kunnen binnenkomen en dan meer kans maken op attentie. Hoe lang zou het bijvoorbeeld geleden zijn dat er in de Tweede Kamer sprake was van grensbeloop? Misschien heeft dat woord het nog iets langer uitgehouden dan dijksbeloop of rentebeloop? De laatste twee heb ik niet in de Handelingen opgezocht, grensbeloop staat in 2010 voor het laatst vermeld als er gesproken wordt over een gemeentelijke herindeling in Noord-Brabant. Minister Bijleveld (BiZa) zegt dan als laatste grensbeloop-gebruiker in de Tweede Kamer (volgens de Handelingen): “Met het oog op verbetering van het grensbeloop is juist bij de herindeling in 1996 een gedeelte van Het Wild dat tot de gemeente ’s-Hertogenbosch behoorde bij de gemeente Lith gevoegd. Uit een oogpunt van zowel gemeentelijk beleid en beheer als een logisch grensbeloop is er sprake van een samenhangend gebied.”
Wat is be-loop hier anders dan ver-loop? Dat is niet anders het geval bij ziektebeloop.

Lith augustus 2014 (SR)

Beloop klinkt juridisch maar anderzijds ook weer niet, denk aan “iets op z’n beloop laten” en dat is een uitdrukking die inderdaad niet past in een bron als Fockema Andreae’s Juridisch woordenboek. In de uitgave van 1985 ontbreekt beloop. Begrijpelijk, ook al is de uitdrukking dat het recht zijn beloop moet hebben zo weinig specifiek dat het verbazend is als iemand het daar zou willen nazoeken.

Financieel klinkt het bij een woord als kostenbeloop en doet dan direct denken aan het ‘belopen van kosten ten bedrage van’ kortweg ‘bedragen’. Wie spreekt anno 2025 nog van kosten ten belope van? Verwant is de betekenis ‘omvang’ als iemand beweert dat een tekst zo’n 700 pagina’s beloopt.

We gaan voorbij aan de praktische toepassing van be-lopen in de bouwsector (lopen is hier letterlijk van toepassing in “de beloopbaarheid van trappen”) om te komen bij het ministerie van Landbouw, momenteel LVVN. Minister Wiersma sloeg aanvankelijk een antwoord aan mevrouw Podt (D66) over en mocht toen van de voorzitter nog even haar beantwoording aanvullen, typisch Wiersma trouwens (zoals met het uitzetten van onderzoek, echt!): “Het omwonendenonderzoek is een langjarig onderzoek dat uitgezet is via het RIVM in samenspraak en samenwerking met wetenschappelijke organisaties. Dat moet nu eerst zijn beloop hebben. Het is belangrijk dat het onderzoek goed is opgezet. Mogelijk kunnen we de uitkomsten dan ook echt gebruiken in de toekomst, bijvoorbeeld voor het toetsingskader. Daar hebben de omwonenden ook recht op. Het is echt een onafhankelijk onderzoek. Ik treed daar verder dus ook niet in. Ik vind het wel cruciaal dat het gebeurt, dus daar maak ik me ook hard voor.” Klinkt ambtelijk. Echt.
Dat was 17 oktober 2024 en de voorzitter klonk inderdaad als Martin Bosma.

Dat langjarige onderzoek moet zijn beloop hebben – niet aankomen dus want er zijn vaste procedures die doorlopen moeten worden. Aan die inhoud moet ook Stephan van Baarle (DENK) refereren als hij zegt: “Kan dus op z’n minst in algemene zin aangegeven worden dat ook het sanctioneringsmechanisme binnen de overheid zijn beloop heeft gehad?”

Staatssecretaris Paul (Onderwijs) gebruikt beloop bovengemiddeld, hoe weinig het ook gangbaar is. Als voorbeeld: “ik ga dit wetsvoorstel niet intrekken. We gaan dit pad gewoon belopen en het debat voeren op het juiste moment (…)”. Belopen in combinatie met een lijdend voorwerp: een pad belopen, of route zoals bij mevrouw Wiersma: “dit is waarop we inzetten en de route die we daarin belopen.”
De minister van LVVN houdt van het ambtelijk-juridische belopen, ook zonder lijdend voorwerp: “de impact van deze voorstellen vraagt om een zorgvuldig proces, waarin het belopen van al die stappen wel van belang is”. Zo drukte ze zich tot tweemaal toe uit in hetzelfde debat op 22 mei 2025 onder het verse voorzitterschap van Thom van Campen.
De route die we belopen, alla. Maar stappen die we belopen? Doorlópen wellicht?
Verdwijnend Nederlands nog net even wat vreemd gebruikt.

Over Siemon

Siemon Reker (1950, Uithuizen) was hoogleraar Groninger taal en cultuur aan de Rijksuniversiteit Groningen tot aan zijn emeritaat in 2016. Eerder was hij onder meer streektaalfunctionaris van de Provincie Groningen en actief in de journalistiek (Nieuwsblad van het Noorden, Radio Noord). Publicaties staan onder het kopje C.V.
Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.