Na het begrip spreekwoord gaat het in deze aflevering over het afgeleide bijvoeglijke naamwoord spreekwoordelijk. Dat kwam tijdens de periode van het kabinet-Schoof eenmaal zelfs uitdrukkelijk aan de orde. PVV-Kamerlid René Claassen legt het volgende aan zijn eigen minister van Zorg, Agema, voor: “Dan vraag ik de minister om daar echt hele grote druk op te zetten. Ik vraag haar om spreekwoordelijk te zeggen: ik zet ze het mes op de keel; dat ga ik regelen.
Minister Agema:
Ik ga mensen niet het mes op de keel zetten, als u het goed vindt.
De heer Claassen (PVV):
Spreekwoordelijk!”
Aan het uitroepteken kan de lezer zien dat Claassen aan de volumeknop gedraaid zal hebben.
Bij de andere uitingen (van het afgelopen kalenderjaar) klonk het naar alle waarschijnlijk minder luid maar wel met een verrassend groot aandeel vanuit vak-K:
- als de Kamer de kans heeft gehad zich daarover uit te spreken, om de spreekwoordelijke stok achter de deur te houden die de overheid blijkbaar nodig heeft (Wieke Paulusma, D66)
- spreekwoordelijk gezegd: als je doet wat je deed, dan krijg je wat je altijd kreeg (Staatssecretaris Nobel, Participatie en Integratie)
- Uiteindelijk is de rijksoverheid verantwoordelijk voor alles wat niet aan een individueel project — dit is echt beleidsterminologie — toerekenbaar is. Spreekwoordelijk gezegd noemen wij dat hier “de deken“. (Minister Wiersma, LVVN)
- Wanneer alles goed loopt, staan de mensen die belast zijn met deze taken vaak spreekwoordelijk uit hun neus te eten. (Jan Valize, PVV)
- Niet alleen de donatie van de schenker, de spreekwoordelijke €10 — dat is wel een goede opbrengst als je die krijgt aan de deur — maar ook de bijdrage in natura van de collectant moet in geld uitgedrukt en geregistreerd worden. (Mirjam Bikker, ChristenUnie)
- dat zij vreest dat zo’n laatste vuurwerknacht een soort sodom en gomorra, om een Bijbelse term te gebruiken, gaat worden in Nederland; spreekwoordelijk natuurlijk. (Caroline van der Plas, BBB)
- Meestal is zo’n verzamelwet niet spannend. Het gaat om de spreekwoordelijke puntjes op de i. (Jan Valize, PVV)
- We zijn ongeveer de grootste nettobetaler aan de EU. Dus ook de EU hebben wij spreekwoordelijk gezien bij de ballen. De EU gaat ons niks doen. (Thierry Baudet, FVD)
- De heer Flach vroeg waarom de opbrengst van de constructiebestrijding in de verbruiksbelasting van dranken — het spreekwoordelijke vleugje zuivel — niet wordt ingezet om de verbruiksbelasting om te zetten naar een suikerbelasting. (Staatssecretaris Van Oostenbruggen, Fiscaliteit, Belastingdienst en Douane)

Op de een of andere manier bekruipt me het gevoel dat Van Dale niet actueel is bij de weergave van de betekenis van spreekwoordelijk: “algemeen bekend, telkens weer als voorbeeld genoemd”. Goed, in wat Wieke Paulusma zei, kunnen we nog iets van een vaker gehoord beeld horen (stok achter de deur) en Jan Valize scoorde misschien eenmaal een voldoende met de puntjes op de i zetten (die rare uitdrukking die juist níet zo nauwkeurig is maar vrijwel altijd in strijd met zichzelf). Toch vallen bij het gebruik van spreekwoordelijk in de plenaire vergaderingen twee dingen op: 1) vrij vaak bedienen bewindslieden zich van dat woord; 2) bijna altijd is de betekenis ‘figuurlijk’.
Maar dat staat niet in Van Dale, sterker, de betekenis ‘figuurlijk’ is in strijd met wat het woordenboek ‘algemeen bekend, telkens herhaald voorbeeld’ noemt.
Die deken van LVNN ís helemaal niet algemeen bekend; bij het bij de ballen hebben van de EU ligt dat niet anders en het is dito bij een spreekwoordelijk vleugje zuivel of een vuurwerknacht spreekwoordelijk aanduiden als sodom en gomorra. En wat voor ingewikkelds-spreekwoordelijks zei staatssecretaris Nobel ook alweer?
Het Nederlands is op drift – spreekwoordelijk.
Wordt vervolgd.