Een bizar voorbehoud in verslagen van de Aardgasenquête

Het was helder en bijwijlen bevlogen wat Jacques Wallage gisteren (05.09.2022) te berde bracht tijdens zijn verhoor door de Parlementaire Enquêtecommissie Aardgaswinning Groningen (PEAG). Zijn colbert deed Wallage er na verloop van tijd bij uit. De gespreksverslagen worden niet onmiddellijk door de Dienst Verslag en Redactie gepubliceerd, in zoverre is het een Commissie- en geen Kamerverslag. Vandaag 6 september is het laatst gepubliceerde verslag dat van 29 augustus. Dat is het ook al heldere gesprek met mevrouw Muntendam-Bos, bij de SODM bekend onder de voornaam Annemarie (zo bleek uit latere verhoren).
Op een goed moment vertelde Wallage van de volgende ergernis. Als mede-voorzitter van de zogeheten Dialoogtafel in Groningen prees hij de deelname van de NAM-directeur aan die bijeenkomsten en diens bijdrage daaraan. Alleen, wanneer de concept-verslagen teruggestuurd werden door de NAM, bleken daar allerlei uitspraken van Bart van de Leemput aan te zijn toegevoegd. De notulen waren even via de afdeling-Legal gegaan en zodanig gecorrigeerd dat de NAM op papier het juridisch wenselijke had gezegd.

Met deze opmerking van Wallage in het achterhoofd blijkt een voorbehoud in de verslagen van enkele verhoren iets opmerkelijks:

Uit ongecorrigeerde verslagen mag niet letterlijk worden geciteerd!
Ik neem aan dat de publicatie van dit stukje van het ongecorrigeerde verslag is toegestaan, want de spreker heeft dan nog geen woord gezegd. Die spreker is Johan de Haan, hoog in de organisatie van de NAM.

Deze tekstuele waarschuwing staat er lang niet bij alle getuigen bij, tot dusver zelfs bij niemand behalve bij ….. oud-minister Jorritsma.

Heeft de oud-minister van EZ ook een afdeling-Legal, in of buiten het Gasgebouw? Gebruikelijkerwijs staat onderaan elke pagina enkel “Aan ongecorrigeerde verslagen kan geen enkel recht worden ontleend.” Dat is voor sommige getuigen juridisch kennelijk onvoldoende waarborg. En mevrouw Jorritsma was nog wel zó voorzichtig geweest (ze wist allerlei dingen niet meer) én zo eerlijk in haar uitingen. Althans, ze zei meer dan eens eerlijk gezegd en de eerlijkheid gebiedt.

Zodra er nieuwe verslagen verschijnen zal dat het eerste zijn waar ik op let, op dat bizarre voorbehoud daar onderaan. Er zijn kennelijk belangen in het geding bij de PEAG.

Aanvulling 07.09.2022: Er is een nieuw stenogram, namelijk dat van het verhoor van dr. Bernard Dost (KNMI). Het enige voorbehoud: Aan ongecorrigeerde verslagen kan geen enkel recht worden ontleend.

Aanvulling 11.09.2022: Ineens staan er 9 verslagen toegevoegd aan de website van de PEAG. Het gaat om de weergave uit tweede verhoorweek plus het gesprek met Jacques Wallage uit verhoorweek 3. Nergens staat daarbij het specifieke verbod om uit de ongecorrigeerde verslagen te citeren, ook niet bij de oud-minister Verhagen.

Aanvulling 14.09.2022: Drie verslagen zijn er toegevoegd, die van de verhoren van Max van den Berg, Jelle van der Knoop en ook al van Dick Benschop. Het bizarre voorbehoud staat daar niet bij.

Aanvulling 16.09.2022: Ook bij diverse nieuwe verslagen ontbreekt het bedoelde voorbehoud. Dat geldt eveneens voor de rapportage van NAM-medewerker Jan van Elk.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Geen actieve herinnering, implicitly en nog wat: aandacht afleidende woordjes

In dat beroemde debat waarin Rutte onder vuur lag – ik bedoel het 1-aprildebat 2021 – gebruikte hij Nederlands dat de premier niet zelf heeft uitgevonden. Neem Bram van Ojik in het debat over een deal met Cees H. (op 10 maart 2015) waarin de woordvoerder van GroenLinks samenvattend zegt “dat mensen kennelijk geen actieve herinnering hebben aan de financiële afwikkeling van wat er toen, tijdens die deal, precies gebeurd is”. Rutte was daar bij aanwezig, wellicht heeft hij de taal opgeslagen en gebruikt toen deze actieve herinnering hem te pas kwam. Toen hij wel actief sms’jes uit het Nokia-geheugen bleek te wissen, kon dat leiden tot grappen.

Wat is er bijzonder aan “geen actieve herinnering”? Gewoonlijk zegt een spreker van het Nederlands dat hij ergens “geen herinnering” aan heeft als men iets niet meer weet. Door dat opmerkelijke en afleidende actieve, worden we op het verkeerde been gezet. Valt die herinnering daardoor juist minder of juist meer op? En wat kunnen dan precies passieve herinneringen zijn? Door zoiets te zeggen rangeert men iemand althans in diens gedachten op een zijspoor.

Het doet denken aan de beroemde ontkenning van Boris Johnson (Bye, Boris! Hasta la vista, baby) tegenover het Lagerhuis: nee, hij was niet bij feestjes geweest tijdens de streng gereguleerde lockdown en in een bepaald geval nam hij implicitly aan dat het een aan het werk gerelateerde bijeenkomst was. Implicitly leidt in zo’n antwoord af, dat ene woord zet de gesprekspartner als een volleerd judoka op het verkeerde been.

Woorden in de directe nabijheid van andere woorden kúnnen hun werk doen. Zoiets moet ook het geval zijn in elk van de twee volgende citaten in het lopende kalenderjaar opgetekend in de plenaire verslagen van de Tweede Kamer:

• Er wordt gedaan alsof boeren en tuinders zomaar wat doen, vrolijk in het rond spuiten en zich geen ene bal aantrekken van hun omgeving. (Caroline van der Plas, BBB)

• Het is vooral in het belang van burgers die onrecht is aangedaan of die geen ene mallemoer meer snappen van de overheid en haar ondoorzichtige regelingen. (Pieter Grinwis, ChristenUnie)

Normaal Nederlands is enerzijds het neutrale geen of geen een en anderzijds geen bal en geen mallemoer dat laten we zeggen minder neutraal klinkt voor dezelfde, strikte ontkenning. Die twee wijzen van spreken lijken samengevoegd via een versterkingsoperatie tot geen ene bal en geen ene mallemoer. De onderstreping is gelegen in de veronderstelde samenvoeging én door dat opvallende ene. Door die verlenging wordt als het ware eerst aandacht op zichzelf (ene) maar ogenblikkelijk erna op de constructie als geheel gevestigd.

Pieter Grinwis en Caroline van der Plas

In 2021 waren dezelfde twee sprekers ook verantwoordelijk voor de hele oogst van hetzelfde Nederlands in de plenaire verslagen. Van der Plas sprak eenmaal van geen ene biet, Grinwis van geen ene meter. Voor de goede orde: geen biet heeft niets met de landbouw te maken, wel met visserij. Biet is hier ‘beet’ als aanduiding voor een ‘klein stukje’, zoveel als een vis van het aas peuzelt.

Grinwis versterkte in geen ene mallemoer de kern moer dus tweemaal: geen moer > geen mallemoer > geen ene mallemoer. Op dezelfde manier kunnen we onszelf talig overtreffen van geen cent naar geen rooie cent naar geen ene rooie cent.
Alle vaste combinaties met geen (ruk, reet, donder, stuiver, flikker, sodemieter, jota, kloot, kont, shit, fluit, spat, snars, klap, barst, bal, bliksem, hol, pest, flikker, bliksem, pepernoot enz.: zijn dit allemaal en dus altijd de-woorden?) kunnen aan de voorzijde uitgebreid worden met geen ene -. Maar ook minder vaak samengevoegde woorden overkomt het, zie daarvoor de krantenbank NexisUni dat voorbeelden bevat als geen ene trainer, geen ene vriend, geen ene keer, geen ene lettergreep en diverse andere in de betekenis ‘helemaal geen’, ‘geen enkele’.

Een bijna literair, althans humoristisch voorbeeld is dit citaat met betrekking tot een teef: “daar snapte het vrouwtje geen ene woef van”.

P.S. Het eerste citaat met “geen ene” dat ik in de Handelingen vind is een opmerking van minister Pronk (Ontwikkelingssamenwerking) die op 11.12.1997 zegt “dat het geen ene klap uitmaakt” of iets uit de ene begrotingspost betaald wordt of uit de andere. Zijn partijgenote Sharon Dijksma (PvdA) reageert volgens het verslag aldus: “De minister zegt dat het hem geen klap uitmaakt. Mij wel.”

Kan geen ene aanvankelijk regionaal bepaald Nederlands geweest zijn?

Aanvulling 16.09.2022: Op een avond in Groningen in het kader van een actiemaand van de Groninger Bodembeweging (wegens tien jaar Huizinge) zei staatssecretaris Vijlbrief (Mijnbouw) dat iets hem geen ene bal uitmaakte.

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Mathijs Deen Der Holländer: kanttekeningetjes (v)

Zou er discussie of overleg geweest zijn tussen de auteur en Andreas Ecke, de vertaler, over het werk van de laatste? Zou de Duitse vertaling invloed hebben door het aanbrengen van kleinere veranderingen in nieuwe Nederlandse edities? Op S. 156 is het de bemanning die iemand redt, op de Nederlandse bladzijde 157 was dat de reddingboot.
Waarom is de Duitse hoofdstuk-indeling tegen het einde licht gewijzigd? Geen idee. Welke woorden heeft de vertaler gekozen voor Deens geliefde begrippen bruusk en fronsen? Wie de kans heeft, leg beide teksten naast elkaar – en geniet! (Premier Rutte reageerde onlangs op Hoekstra’s afstand nemen van het kabinetsbeleid door de wenkbrauwen te fronsen stond er soms in een ondertiteling, maar hij sprak van wenkbrauwen laten rijzen, allicht onder internationale invloed in de vorm van eyebrows raise. Fronsen lijkt bij voorbaat veroordelender, rijzen eerder vriendelijker, verbaasder.)

Rutte over Hoekstra’s stikstofkritiek, 19.08.2022

Bij de vertaling vielen me uit een massa nog twee dingen op die zeker vermelding verdienen. Mathijs heeft Nederlands gestudeerd in Groningen, ik ook. In die periode las ik een keer (was het iets van B. van den Berg?) dat een huisdeur niet zomaar maar een deur van een huis is, het is de voordeur. Als ik het goed heb, staat in het Duits geregeld Haustür, in het Nederlands niet.

In dit blog is het wel eens gegaan over het bezittelijke lidwoord, iets wat Deen vanuit zijn herkomst moet kennen: in een deel van Nederland bijt men zich de tanden stuk, elders bijt iemand zijn tanden stuk op een prestatie van een sportieve concurrent. Als in Noord- en Oost-Nederland duidelijk is over wie het gaat – en dat is zeker met lichaamsdelen zo – dan kiezen we/ze daar liever voor het lidwoord dan het bezittelijk voornaamwoord. Dat is dus kortweg het bezittelijke lidwoord. Aan het eind van de Proloog slaat Maria de deken van zich af, in het Duits ‘van de schouders’ – de niet haar. (S. 10) Anne-Baukje beweegt haar lippen, in het Duits die ‘de’ (resp. p. 37 en S. 33). Peter opent zijn ogen (41) versus die Augen (38) en zo heel wat gevallen meer.

De Hollander is genieten, de moeite waard en doet verlangen naar meer, naar vervolgen. Dat geldt voor Der Holländer niet minder – en ze náast elkaar leggen, dat is helemaal een genoegen. Gebruik een peilstok, lezer. Of speel een beetje Liewe Cupido, Derk Wortelboer of Gunna Specht en wees blij met kleinere verschillen. Maar maak vooral vanaf het begin notities! Dat we niet krijgen dat je je verderop af moet vragen en terugbladeren: wáár in het boek zette iemand die peilstok nog maar neer tegen de deur (in het Nederlands) en waar tegen de deurpost in het Duits?

Tot zover, zeggen sommigen bij de radio. Het reces is bijna voorbij, we gaan terug naar Den Haag.

Geplaatst in Uncategorized | 3 reacties

Mathijs Deen Der Holländer: kanttekeningetjes (iv)

Vertalen is net als lezen een kwestie van kijken – dat is het vergelijken van beide versies helemaal. Bij het onderzoek op het lijk is in De Hollander niets gevonden in de hals, het strottenhoofd en evenmin in de keel (blz. 112). In de Duitse versie Der Holländer krijgen we een royalere opsomming op Seite 108 met het ontbreken van sporen in of op Hals, Zungenbein, Kehlkopf, en vreemde voorwerpen zijn er ook niet gevonden in Rachen, Kehlkopf of Luftröhre. Deutschland-Niederlande 6-3.

Wie eenmaal op dat “kijken” in De Hollander is gaan letten, ziet hoe vaak dat werkwoord daarin voorkomt. Misschien is het gebruikelijk in een genre als dit, net als in detectives – nooit op gelet. Wat doet vertaler Andreas Ecke met dit frequente kijken van Mathijs Deen? Hij varieert vooral, door werkwoorden als betrachten, schauen (vooral schauen), blicken, sehen, starren, mustern, beobachten, spähen, achten auf en dergelijke te benutten. Verdere variatie: een Blick folgt, hebt, wirft iemand.

Wapen Borkum (via https://www.stadt-borkum.de/): verwijzing naar Willem de Zwijger?


Zelf moet Ecke het Nederlandse origineel onder het vergrootglas gelegd hebben en zodanig precies vertaald dat hij toch vrij geregeld voor eigen, kleine, Duitse aanvullingen kiest. Dat is een compliment voor Mathijs Deen. Mij stoort dat niet, ik vind het vooral informatief. Duitse topografische aanduidingen voegt de vertaler toe of preciseert dus, beschrijft het wapen van het Duitse waddeneiland Borkum royaler. Hij verandert bijvoorbeeld ook een kleinigheid als het morrelen met een sleutel (zoals in het origineel op blz. 171) door degene die staat te prutsen eerst een verkeerde sleutel te laten pakken (eveneens S. 171). Op het hotelmenu plaatst hij terloops Raucherlachs als extraatje. Als een agent ergens de auto verlaat, laat de vertaler hem enkele regels eerder een regenjas aandoen dan Deen in het Nederlands had gedaan. In het Nederlands lezen we een keer “op dat moment”, in het Duits ‘een tel later’. Wat bij ons “daags tevoren” was, werd “vor zwei Tagen”. Wederom: komisch!

Afgezien van een aantal tussengeschoven zinnetjes door de vertaler en de correctie van het aantal treden op een vuurtoren (Nederland 315, in Duitsland zijn het er 308), de aanpassing van een recept uit de apotheek of de verandering van de hoeveelheid zandkorrels die opgestuurd worden voor nader onderzoek, – het intrigerendst vind ik de exacte aanduiding van de Texelse boot van de vader van Liewe Cupido vroeger. Het is in de Nederlandse editie TX 13, in de Duitse TX 9. Wat kan daar de reden van zijn?

Die vertaling is iets om nog eenmaal verder naar te kijken.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Mathijs Deen Der Holländer: kanttekeningetjes (iii)

Als Van der Wal hoofdstuk 34 binnenvalt met de barse vraag “Hoever ben je?” tutoyeert hij zijn ondergeschikte vrouwelijke collega Anne-Baukje. Natuurlijk. In Duitsland zijn de gewoonten in dit opzicht anders, want daar luidt de vraag: “Wie weit sind Sie?” U! Op dat punt zal de precieze lezer niet anders verwacht hebben dan dat er inderdaad verschillen zijn tussen Nederland en Duitsland. En wie de aanspreekvormen in origineel en vertaling precies met elkaar vergelijkt wordt voor de moeite beloond met kleine, soms betekenisvolle extraatjes.

Anne-Baukje krijgt de opdracht om naar het (dan nog bestaande) Delfzicht-ziekenhuis in Delfzijl te gaan, waar ze een ontmoeting tussen rechercheur Cupido en een medicus bijwoont. [Mathijs Deen schrijft op blz. 37 dat het ziekenhuis zal worden opgedoekt, onderhoud is er daarom niet meer bij. De Duitse lezer leest dat het hospitaal binnenkort zal verhuizen. S. 33]

Delfzicht https://www.ommelanderziekenhuis.nl/over-ons/de-organisatie/geschiedenis-van-het-ziekenhuis

Van hun gesprek begrijpt Anne-Baukje niets in het Nederlands (blz. 113), in de Duitse vertaling van Andreas Ecke heeft ze “nur Bahnhof” verstaan – dat is hetzelfde als ‘niets’. (S. 110) Komisch! Ze wil opschieten en ze echoot enigszins geërgerd wat haar baas kort daarvoor aan haar vroeg: “Zijn jullie zover?” In het Duits vraagt ze: “Seid ihr so weit?” Ihr maar niet met een hoofdletter – jullie, nu toch meer collega van medicus en rechercheur dan Van der Wal en Anne-Baukje even eerder waren. Hij was tenslotte haar chef.

De gehaastheid van Anne-Baukje heeft met de naderende komst van de vrouw van de overleden wadloper te maken. Wat komt die echtgenote hier doen? In het Nederlands is het algemeen omschreven als dat het “om haar man te doen” is (111), in het Duits zien we minder vaag dat het om identificatie zal gaan. Heeft de vertaler dat hintje aan de Nederlandse lezer gemist en voegde hij dat toe?

Tussen Deen en Ecke zijn er kleine verschillen in hun citeren van het Engels. Is het Give me some breath, women of is het woman? Aarzelt degene die citeert in het Engels (“cannot be scarce a …”) of in het Nederlands getuige “cannot be scarce eh… ”?


Die vertaling is iets om verder naar te kijken.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Mathijs Deen Der Holländer: kanttekeningetjes (ii)

Andreas Ecke heeft in Der Holländer dus niet overal een letterlijke vertaling gemaakt van Mathijs Deens De Hollander. In het 33ste hoofdstuk waar in de vorige bijdrage een paar elementjes van genoemd staan, is dat vaker te zien. Dat hoofdstuk is overigens een mooi voorbeeld van de gevarieerde aanpak van Deen, het is zogenaamd een In Memoriam dat is overgenomen uit de Ostfriesen-Zeitung. Wie op de 108ste bladzijde in de Nederlandse tekst niet weet wat scubaduiken is, via het Duits leer ik dat het om duiken met drukluchtapparaten is. Scuba wordt niet genoemd ook al bevat die eerder aangehaalde Duitse Wikipedia de oplossing van Scuba ‘Self-Contained Underwater Breathing Apparatus’, net als in de Nederlandse versie.

We blijven op pagina 108 en zien dat in de Duitse vertaling een paar geografische aanvullinkjes staan die in het Nederlands minder gewenst of althans niet nodig waren: waar heeft Klaus Smyrna zijn vrouw leren kennen op trainingsweekenden voor duikers, dat is iets waar in Der Holländer meer aandacht voor kan zijn want deze passage speelt zich af tussen Fehmarn en het Deense eiland Lolland.

Als ik al constateer dat in het gesproken Nederlands weer en weer terug (lees weerterug) tegenwoordig meer en meer synoniemen zijn geworden en als ik al denk dat dat in het Duits niet zo is, helemaal juist is dat laatste niet. Bij de eerder aangehaalde zwemprestatie van Smyrna viel ik over Deens weer terug (Puttgarden-Røby en terug respectievelijk weer terug) maar althans daar heeft die nauwkeurige Andreas Ecke mooi wel “wieder zurück” geschreven.
Maar als er onderscheid is tussen Deen en Ecke, dan is het vooral zo dat de vertaler iets heeft toegevoegd of lichtjes gecorrigeerd. Nu we in de buurt zijn, de opening van hoofdstuk 34.

De Groninger Henk van de Wal, klonterik, valt op kantoor met de deur in huis bij collega Anne-Baukje. Zij schiet in de lach en kan daar niets aan doen als hij haar pardoes vraagt “Hoever ben je?” (blz. 110) De Duitse vertaler voegt een kleinigheidje toe en laat de lezer dezelfde situatie daarmee iets anders bekijken: “Seine Hektik ist zu komisch” (S. 105). Van de Wal is opgefokt! Komisch in het Duits is niet alleen ‘komisch’ maar ook ‘belachelijk, raar’.

Die vertaling is iets om verder naar te kijken.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Mathijs Deen Der Holländer: kanttekeningetjes (i)

Probeer op de Nederlandse boekensites niet, te zoeken naar Mathijs Deen Der Holländer – er wordt automatisch gecorrigeerd naar de Nederlandse titel De Hollander. Zó ver staat het Duits persoonlijk gelukkig niet van me af en toen ik de vertaling in huis had, kon het karwei van het naast elkaar leggen van de oorspronkelijke Waddenthriller en de vertaling van de Roman door Andreas Ecke beginnen. Dat is een klus, een dankbare klus.
Maar allereerst: wat een onderscheiding voor een Nederlandse auteur om in het Duits overgezet te worden! (Het Duits moet hem vertrouwd voorkomen. Hij komt uit Hengelo, woonde in Boekelo, de plaats die volgens Wikipedia Olga Lowina heeft voortgebracht maar de auteur Deen is in deze bron door de schrijvers ondanks al diens succes nog even vergeten.) Dat het een onderscheiding is, valt uiterlijk al direct aan de uitgave door Mareverlag in Hamburg te zien: stofomslag, hard kaft en leeslint! De binnenzijde van dat omslag bevat de kaart die verkleind en grijzer in de Nederlandse editie gebruikt is. Deutschland-Niederlande 1-0.

Andreas Ecke is germanist – hém vind je wel in de Duitse Wikipedia…… Trouwens net zoals Mathijs Deen, daar wél. 2-0 Na, bitte!

de.wikipedia.org

Ecke vertaalde eerder onder meer werk van Geert Mak, Cees Nooteboom en Bert Wagendorp. Wie wil er niet in zo’n rijtje staan? En inderdaad, blader en neus proevend door Der Holländer, het is verzorgd en met aandacht gedaan. Die impressie dringt zich direct al op als we naar een kleinigheid kijken, de pinda uit de laatste bijdrage over de Nederlandse versie. Iemand moest als kind naar het ziekenhuis toen hij een pinda had opgegeten, schrijft Deen (p. 107). Denkend aan de taal van onze kinderen vond ik een pinda een object van te weinig omvang om van opeten te kunnen spreken. De Duitse vertaler maakt van de pinda…. een hazelnoot! (S. 104) Wie zekerheidshalve nog even googelt ziet dat onze pinda in het Duits een-op-een overgebracht een aardnoot is.

Op de volgende regel is dezelfde persoon tussen hooibalen terecht gekomen en moest toen naar het ziekenhuis – in het origineel is er sprake van “in een hooibaal”. We zien: Ecke heeft zich er niet met een jantje-van-leiden van afgemaakt.
Die vertaling is iets om verder naar te kijken.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen